bouwjaar
verdwenen
gesloopt
verplaatst naar
eigendomshistorie

T. van den Broek (benoemd vanaf de bouw in 1891 en molenaar tot de afbraak in 1919)

geschiedenis

De polder ter grootte van 80 ha werd oorspronkelijk niet bemalen, het maaiveld lag gelijk met AP. 's Winters was de polder blootgesteld aan de invloed van eb en vloed op het IJ, en werd overtollig water gespuid middels een houten schutsluisje in de westelijke dijk.

In 1891 werd er een wipmolentje gebouwd. De dijk werd vroeger op een hoogte van 1,20 m + NAP gehouden, maar na de kanalisatie van het IJ verzakte de dijk tot 0,40 m + NAP.


-----


In 18 juni 1891 werd door het polderbestuur van de Achtersluispolder besloten tot bouw van een watermolen, vooral ten behoeve van de laaggelegen delen van de polder. De molen moest een vlucht van 36 voet, een vijzeldiameter van 60 à 65 cm en een opvoerhoogte van 75 cm krijgen. Na informeren bij enige molenmakers kreeg Jan Havik uit Westzaan de opdracht en bouwde de molen voor een bedrag van 999,64 gulden. Eveneens werd besloten tot de bouw van een huis naast de molen voor de molenaar zodat voortdurend toezicht kon worden gehouden. Op 11 september van dat jaar werd Teunis van den Broek als molenaar benoemd en zou dat blijven tot de uiteindelijke afbraak van de molen. Teunis kwam uit een geslacht van watermolenaars en was geboren op molen de Waker in Oostzaan. Voor zijn benoeming als molenaar van de Achtersluispolder was hij molenaar van de Pinksternakel, de watermolen van de Kalverpolder in Zaandam.

In 1912 wordt bij de molen een motorgemaal opgericht ter vervanging van de molen. Toch zou de molen nog jaren blijven staan en worden gebruikt naast het gemaal. 

In 1915 informeren de Gebr. de Boer, slopers uit Oostzaan, of de molen te koop is. Op dat moment verkeert de molen in een matige toestand van onderhoud. Het polderbestuur vraagt een prijs van 400 gulden en stelt dat, indien de Gebr. de Boer niet akkoord gaan met de prijs, de molen na onderzoek zal worden hersteld. De verkoop gaat niet door en in de jaren daarna wordt de molen inderdaad nog onderhouden en er worden nog nieuwe zeilen geleverd.

In 1919 komt een definitief einde aan de windbemaling van de Achtersluispolder, een nieuw geïnteresseerde koper meldt zich bij het polderbestuur. Het bestuur vraagt een prijs van 350 à 400 gulden en geeft de koper de verplichting zelf de overgebleven gaten in de grond te vullen na afbraak van de molen. Uiteindelijk wordt de molen voor 250 gulden verkocht.

 

Ik vermoed dat de molen na de verkoop verplaatst is naar Naarden en daar als zaagmolen met de naam 'Elck Zijn Zin' werd opgebouwd.

De man en jongen op de foto zijn zeer waarschijnlijk molenaar T. van den Broek (mijn betovergrootvader) en één van zijn zonen

Informatie van Jaïr van den Broek , 01-12-2025

Bronnen: Gemeentearchief Zaanstad: WA-0001 nrs: 3,4,5,8,15,18

 

In 1936 geschiedde de bemaling door een draaistroom elektromotor van 10 pk met een vijzel. De grootte bedroeg toen 90 ha en het peil 0,60 m - NAP.

bronnen

Bronnen:
- "De zeeweringen en waterschappen van Noordholland", Mr. G. de Vries Azn., 1864.
- "De zeeweringen en waterschappen van Noordholland", tweede uitgaaf, Jhr. Mr. J.W.M. Schorer, 1894.
- "De zeeweringen en waterschappen van Noordholland", derde uitgaaf, D. Kooiman, 1936.
- "Duizend Zaanse molens, P. Boorsma 1968 blz. 145.