Molen van Wolfswinkel, Sint-Oedenrode

Sint-Oedenrode, Noord-Brabant
v

korte karakteristiek

naam
Molen van Wolfswinkel
modeltype
Watermolen
functie
korenmolen, oliemolen, volmolen, runmolen
bouwjaar
verdwenen
toestand
verdwenen
beek
Dommel
Toon op Google Maps met andere molens in de buurt  
Toon op Google Maps met andere molens in de buurt
fietsroute
fietsroute in de buurt van Molen van Wolfswinkel via fietsnetwerk.nl
Ten Bruggencate-nr.
03104
oude dbnr.
V4147
Meest recente aanpassing
media-bestand
Molen 03104 Molen van Wolfswinkel (Sint-Oedenrode)
Deel van foto: collectie Ton Meesters

locatie

plaats
Sint-Oedenrode
plaatsaanduiding
Wolfswinkel 8, Wijk Wolfswinkel
beek
Dommel
gemeente
Meierijstad, Noord-Brabant
streek
Meierij van 's-Hertogenbosch
kadastrale aanduiding 1811-1832
Sint Oedenrode E (4) 975 & 976 De kind. Hendk Ribinet Villeval [?]
geo positie
X: 162565, Y: 393692
N: 51.53216, O: 5.49623

constructie

modeltype
Watermolen
krachtbron
water
kenmerken
functie
gangwerk
wateras
rad
rad diameter
afbeelding van onze ondersteuners

geschiedenis

toestand
verdwenen
bouwjaar
/ 1795 herbouwd na brand
verdwenen
1940 restant gesloopt (olie) 1947 restant gesloopt (graan)
geschiedenis
Wolfswinkel is een oud Herengoed. Volgens een 14e eeuwse beschrijving bestond het uit een slotje, een watermolen op de Dommel en twee hoeven. Al rond 1300 was het een Brabants leengoed. In 1381 werd het tot heerlijkheid verheven, waarbij de leenman zich voortaan Heer van Wolfswinkel mocht noemen.
In 1604 werd deze heerlijkheid opgesplitst in twee leengoederen. De watermolen, blijkbaar een goed renderend bedrijf, werd een apart leenoged naast de twee hoeven van de intussen vervallen Heerlijkheid.
In onze eeuw zijn er nog pogingen gedaan om de watermolen onder te brengen in het openluchtmuseum van Arnhem. Dit is echter mislukt en zo heeft ook deze Rooise watermolen een roemloos einde gehad.
Bron: Heemschild, 1970, blz. 17-30.
-----

Eind 18e eeuw kende Wolfswinkel turbulente tijden toen de Franse legers in 1794 Noord-Brabant binnenvielen. De toenmalige moleneigenaar Pieter van Hoorn kreeg vanaf 31 augustus Hannoverse soldaten ingekwartierd. Zij bewaakten de Dommellinie tegen de opdringende Fransen. Toen de soldaten op 14 september bij de molenaar aan het middageten zaten, werden ze gewaarschuwd dat de Fransen in de buurt waren.
Ze lieten het eten staan en vertelden de molenaarsvrouw dat ze met haar kinderen naar buiten moest. De soldaten gingen met een groep op onderzoek uit. Toen ze terugkeerden werd hun post naar de overkant van de Dommel verplaatst. Daarna kwam een Hannoverse soldaat met een brandende bos stro en stak daarmee de koren- en boekweitmolen in brand.
Toen de molenaar de brand wilde blussen, werd hij door de wacht tegengehouden onder de bedreiging 'van anders voor de kop geschoten te worden'. Rond half drie stonden de molens, het molenaarshuis en de bijgebouwen in lichterlaaie. Het was aan de Hollandse en Duits-Engelse troepen aan Aa en Dommel het teken dat de Fransen kwamen.
Rolf Vonk.
-----

Toen de weduwe F. Ruon van Schalkwijk de afgebrande restanten op 14 november 1795 in haar bezit kreeg, besloot zij de molen te laten herbouwen, echter 50 meter stroomopwaarts.
Sindsdien zijn er meerdere pachters op de molen geweest, waarvan er een --Comelis van Griensven (tevens eigenaar van de Hooydonkse watermolen)-- in 1855 de molen kocht van Mevrouw Florence Robinet de Villeval te Hasselt in Belgiƫ. Zijn neef Hubertus van der Hagen vestigde zich er na hem, waarna de vader van de laatste molenaar Dolf van der Hagen de muldersscepter zwaaide.

Van de volmolen werd druk gebruik gemaakt door Geldropse- en Tilburgse lakenfabrikanten onder wie, Van Dooren, Dams en Gerard Bogaers. In de periode van 1830 - 1834 werden op deze watermolen 2500 Tilburgse lakens gevold. Uit overleveringen staat vast dat de volmolen in 1878 nog in werking was. Het stuwrecht van de -vanaf die tijd- in verval geraakte watermolen werd, nadat de sluis het in 1928 begaf en in de Dommel viel, door molenaar van der Hagen verkocht aan het 'Waterschap de Dommel'. Het restant van de Wolfswinkelse watermolen werd in de na-oorlogse jaren afgebroken. Er rest alleen nog het molenaarshuis ter herinnering.
-----

De molenaarswoning is nog aanwezig en wordt bewoond door nazaten van de voormalige molenaar. Het enige dat nog herinnert aan de voormalige molen zijn de twee molenstenen die er nog liggen.
Toen de watermolen buiten gebruik raakte ging men over op een elektrische maalderij, wat inmiddels ook verleden tijd is.
-----

In 1880 werd de volmolen omgebouwd tot korenmolen.
In 1918 werd de oliemolen stilgelegd en in de jaren 20 uitgebroken.
De korenmolen raakte in 1928 buiten bedrijf doordat de sluis omviel in de Dommel.
Op 27 februari 1929 besloot het waterschap "Het Stroomgebied van de Dommel" de waterwerken en het stuwrecht aan te kopen.
In 1940 resp. 1947 werden de restanten van de oliemolen en de graanmolen gesloopt.
Bron: "Watermolens in Noord-Brabant vroeger en nu", Ir. Piet-Hein van Halder, 2010.
nog waarneembaar

aanvullingen

trivia
Mijn opa had tot in/ kort na de Tweede Wereldoorlog een watermolen aan de Dommel in Noord Brabant, gelegen tussen Nijnsel, Son, Breugel en Vressel.

De molen komt voor in een aantal boeken over watermolens in Noord Brabant.
De molen schijnt terug te gaan tot de 17e eeuw en was er een in de traditie van Nederwetten en Opwetten en helaas net iets te ver van Nuenen verwijderd om door Van Gogh op zijn wandeltochten in de Peel geschilderd te zijn.
De molen maalde vooral veevoeder en in de wijde omgeving van Beek en Donk, Vressel, Nijnsel, Schijndel, Mariahoeve, Sint-Oedenrode waren mijn opa en zijn vader bekend.
Jammergenoeg leven ze beide niet meer om e.e.a. na te kunnen vertellen.

Imke Frijters.