Molen Nooit Gedagt, Budel

Budel, Noord-Brabant
b

korte karakteristiek

naam
Nooit Gedagt
modeltype
Ronde molen, stellingmolen
functie
korenmolen
bouwjaar
herbouwd
1976
bedrijfsvaardigheid
Maalvaardig
bestemming

Het malen van graan op professionele basis

adres
Meemortel 24
6021 AE Budel
Toon op Google Maps met andere molens in de buurt  
Toon op Google Maps met andere molens in de buurt
Ten Bruggencate-nr.
02859
oude dbnr.
B506
Meest recente aanpassing
| Foto
media-bestand
Molen 02859 Nooit Gedagt (Budel)
Marijn Kaufman (7-10-2008)

locatie

plaats
Budel
gemeente
Cranendonck, Noord-Brabant
kadastrale aanduiding
Gemeente Budel, sectie C, nr. 2488
geo positie
X: 168570, Y: 364467
N: 51.26936, O: 5.58165
biotoopwaarde
4 (aanvaardbaar)
landschappelijke waarde
Groot maar wordt verminderd door omringende bebouwing en op NW zijn er storende begroeiingen. Afgezien daarvan is de windvang prima.

contact en bezoek

bezoek/postadres
Meemortel 24
6021 AE Budel
molenaar
Johan en Henrie Kees
telefoon
0495-493502
e-mail

social media
open voor publiek
ja
open op zaterdag
nee
open op zondag
nee
op afspraak
ja
openingstijden

Molen: op afspraak. 
Winkel: donderdag, vrijdag en zaterdag 9.00 - 12.00 en 13.00 - 18.00 uur.

toegangsprijzen
winkelinformatie

Meelproducten

meelverkoop
ja
museuminformatie
gericht op scholen
nee
bijzonderheden
fietsroute
fietsroute in de buurt van Nooit Gedagt via fietsnetwerk.nl
social media

constructie

modeltype
Ronde molen, stellingmolen
krachtbron
wind
functie
romp
Ronde stenen molen; het verhoogde deel heel licht getailleerd gemetseld
kap
Gedekt met dakleer
inrichting

Een koppel 17der blauwe en een koppel 17der kunststenen; elevator met stofafzuiging; silo's; meelafzuiging; centrifugaalbuil; mengketel; graanpletter; elektrisch aangedreven maalstoel met een koppel 15der blauwe stenen.

versieringen

Aardige baard (1976/2011) met geschulpte rand, wit geverfd met rode bies. In gotische letters, rood geschilderd, uitgesneden: "Nooit Gedagt anno 1846"

Eenvoudige achterbaard (1976) met enkele krullen, wit geverfd met rode bies.

Windvaantje met paard en ruiter

Boven de toegangsdeur een gevelsteen met het opschrift:
'Ioann. Ant. Gors en zynne huis vrouw Ioh. Maria Smits 18 46'.
In de vier hoeken in rood een waaiermotiefje.

Van het spoorwiel zijn kruisarmen en velgen roomkleurig geschilderd, de plooistukken zijn donkerbruin. Van het ene rondsel zijn de schijven beschilderd straalsgewijze bogen, afwisselend wit en rood; van het andere rondsel zijn de schijfdelen afwisselend rood en wit. Bij de wieg zijn ze afwisselend geel en rood.

plaats bediening
stellingmolen
bediening kruiwerk
buitenkruier
plaats kruiwerk
bovenkruier
kruiwerk
Engels, kruilier
vlucht
24,60 m.
vang
Losse Vlaamse blokvang uit vier stukken; vangbalk met haak; vangtrommel; vangstok
overbrenging

Bovenwiel 61 kammen
Bovenschijfloop 39 staven, steek 11,0 cm.
Spoorwiel 68 kammen
Steenschijflopen 22 staven, steek 11,3 cm.
Overbrengingsverhouding 1 : 4,83

hoogte
van de stelling: 5,40 m.
wiekvorm
Systeem Fauël met automatische remkleppen op beide roeden
Kantel uw mobiel om de tabellen helemaal te zien
wiekenkruis
fabrikant roenummer positie bouw fabricagejaar jaar gestoken positie jaar verdwenen lengte
Derckx ✉︎ 202 buiten 1976 1976 buiten aanw. 24,60
Derckx ✉︎ 203 binnen 1976 1976 binnen aanw. 24,60
Pot ✉︎ ? binnen ? 1919 binnen 1976 25,00c
Pot ✉︎ ? buiten .... buiten 25,00c
wiekverbeteringen

In 1980 werd de binnenroede van deze altijd Oud-Hollands opgehekte molen voorzien van het systeem Fauël (fokwieken) met automatische remkleppen; in 1985 gebeurde ditzelfde met de buitenroede.

bovenas
fabrikant asnummer fabricagejaar jaar gestoken jaar verdwenen lengte
media-bestand
As 369, Sterkman & Zn, wed. A.
Sterkman & Zn, wed. A.
✉︎ 369 1865 1919 aanw. 05,03
afbeelding van onze ondersteuners

geschiedenis

toestand
werkend
bouwjaar
bedrijfsvaardigheid
Maalvaardig
bestemming

Het malen van graan op professionele basis

molenmaker
J.A. Gors, Bree (B), (1846) Fa. Adriaens, Weert (1976)
omwentelingen
geschiedenis

Aanvankelijk had Budel een uit de middeleeuwen stammende molen, waarvan de Heer van Cranendonck, waartoe Budel na 1421 officieel behoorde, de molenrechten bezat (molendwang). Deze oude molen brandde in 1921 af en werd niet meer hersteld.
Toen het alleenrecht om op de Oude Molen te laten malen in de negentiende eeuw door een tijdelijke sluiting niet uitgeoefend kon worden, werd de molen Nooit Gedagt gebouwd.

De uit het Belgische Bree afkomstige J.A. Gors liet in 1846 deze molen bouwen. Hij verpachtte de molen aan Jan Rooijmans, maar plaatste in 1867 zijn zoon Hendrik Gors op de molen, toen die zijn studie aan het Groot Seminarie voor R.K. priester staakte. Rooijmans bouwde daarop in 1869 in Budel zijn eigen molen: deze zou veel later 'Zeldenrust' worden genoemd.
Na H. Gors was L. Beelen vanaf 1899 molenaar. De weduwe Gors verhuurde de molen vanaf 1909 aan Jan Kees, die tien jaar later eigenaar werd. Sindsdien is deze molen in de familie Kees gebleven.

Tot 1919 was deze molen, opmerkelijk, een zetelkruier. In dat jaar werden de huidige kap met Engels kruiwerk, gietijzeren as en ijzeren roeden aangebracht. De oude houten bovenas en -wiel zijn toen vermoedelijk naar Kaulille (B.) gegaan. De as dient daar als draagbalk voor de koning. De balken van het zetelkruiwerk waren tot aan de restauratie van 1976 aanwezig. De huidige kapzolderbalken zijn vervaardigd uit de oude schoren.

Nadat de molen in de loop van de jaren '60 en '70 minder en minder in bedrijf te zien was, volgde in 1976 een grote opleving: de beltmolen werd een stellingmolen. De stenen romp werd enige meters verhoogd en de molenbelt geheel afgegraven. Dit verhogen was nodig, omdat jaren eerder de lage molenberg al gedeeltelijk was afgegraven voor de bouw van een magazijn (dat enkele meters boven de berg uitstak). Hierdoor kon men niet meer geheel rondkruien. Desondanks was de molen tot begin jaren '70 af en toe nog in bedrijf voor het malen van boekweit.

In 1980 werden op de binnenroede in eigen beheer fokwieken aangebracht; in 1985 volgde de buitenroede. De fokken werden enkele jaren geleden vernieuwd (en zijn nu zwart i.p.v. wit). De staven van de wieg (bovenschijfloop) zijn van ijzer; beide steenrondsels zijn voorzien van nylon staven. Naast de vangtrommel is hier ook een - later aangebrachte - vangstok aanwezig. In 2008 werden korte spruit en vangstok vernieuwd. In 2011 volgden, wederom in eigen beheer, lange spruit, baard en kruibok.

Sinds 1992 zijn de broers Henrie, Martien en Johan Kees eigenaar; in dat jaar namen zij de molen over van hun vader, Sjef Kees.
De molen is tegenwoordig geregeld op zaterdagen en soms doordeweekse dagen in bedrijf. In de winter wordt boekweit gemalen, iets wat vroeger op veel Kempische molens gebeurde maar tegenwoordig een zeldzaamheid is.

Van april tot juni 2011 stond de molen in de steigers ten behoeve van het herstel van het metselwerk (slechte stenen vervangen en voegwerk herzien). Molenmaker Adriaens vernieuwde een gedeelte van de kapbetimmering, waarna er nieuw dakleer en ook een waterafvoergoot werd aangebracht. Verder werden balkkoppen gerepareerd met epoxy.
In juni 2012 werd aan de westkant van de romp een grijze coating aangebracht.

 

aanvullingen

toelichting naam

Begin 19de eeuw was er in Budel slechts één molen, de Oude Molen, een standerdmolen. Deze werd in 1828 gekocht door P. Kneepkens uit Weert. Bij de koop had hij geregeld dat er niet meer molens in Budel gebouwd mochten worden, omdat hij het alleenrecht van malen wilde. In de jaren ’40 van de 19de eeuw kreeg Kneepkens echter een conflict met de commiezen over het al dan niet ontduiken van accijnzen, waardoor uiteindelijk de molen door de commiezen werd gesloten. Op dat moment zag Johannes Gors kans om toch een molen te kunnen bouwen (wat hij al eerder wilde, maar toch gold het verbod nog). Nu de Oude Molen echter gesloten was, verviel volgens Gors de blokkade en hij kreeg inderdaad toestemming om een molen te mogen bouwen. Toen de burgemeester bij de bouw kwam, vertelde Gors dat hij dit “nooit gedacht” had.

unieke eigenschap

Deze molen is in 1976 verhoogd en van beltmolen stellingmolen geworden. Hiermee werd de praktische bruikbaarheid enorm vergroot, maar wijzigden ook de proporties geheel en al.

literatuur

Ed van Gerven, 'De Brabantse familie Kees', in: Molens 67 (2002) pp. 20 - 21.

foto's

foto's