bouwjaar
verdwenen
molenaars
geschiedenis

Het register van onroerend goed belasting (verpondingsregister; transcriptie door C.J. Matthijs) vermeld het volgende:

In 1704 verkoopt Jacob Ariens Koij het huis met grutmolen aan Jan Benschop.

In 1705 wordt het pand door Geertruijt Jansdr Benschop doorverkocht aan Cornelis Koij. Hetzelfde jaar verkoopt Cornelis Koij het huis, grutterij en grutmolen aan Pieter van der Wint.

In 1713 verkoopt Pieter het huis met grutmolen en kaarsmakerij aan Justus Gerrtisz Everswinkel. Hij verkoopt het bedrijf in 1746 aan Abraham Segon, die het doorverkoopt aan Gerrit Everswinkel (zoon van Justus?).

 

Hierna wordt de grutterij te koop aangeboden in de Leydsche courant van 19 augustus 1774:

19-08-1774: Leydsche courant

De Executeuren van den Testamente van ELISABETH CARLIER, Weduwe van wylen GERRIT EVERSWINKEL, ....blik veilen en verkoopen een Neeringryke GRUTTERY, genaamd DE PRINCE GRUTMOOLEN, staande op het Seugstraat in de Stad Gouda, op aanstaande Maandag den 22 Augusty 1774. En die iets te pretendeeren hebben of schuldig zyn van of aan den Boedel, gelieven zig aan te geeven by ADRIAAN BRAND.

 
De nieuwe eigenaar wordt Willem Korevaar. Hij verkoopt de grutterij in 1805 aan Leendert Straver.

bronnen

Informatie van Anton Bom, 26-04-2026