- bouwjaar
- verdwenen
-
1855 verbrand
- molenaars
- geschiedenis
-
In het archief van Steenbergen troffen we over de jaren 1835 en 1836 correspondentie aan tussen keurmeesters, stoofhouders, burgemeester en wethouders en de officier van justitie, waaruit talrijke
onregelmatigheden bleken. Uit een proces-verbaal d.d. 4 april 1835 van de keurmeesters Willem Jan ~Muller en Albert Casemier van Haesendonck is sprake van de herkeuring van twintig vaten oorspronkelijke mullen van meekrap, die al eerder in de meestoof Het Vergulde Kruis in de polder van Kruisland waren gekeurd, en die vervoerd waren naar de meestoof De Kroon te De Heen ter verstamping. Er werden onregelmatigheden geconstateerd: twee vaten uitgezeeld, drie vaten opengemaakt, overige vaten, nog gesloten, minder inhoud, vermengd met mulzand.05-01-1855: Nieuwe Rotterdamsche courant : staats-, handels-, nieuws- en advertentieblad
Gisteren avond omstreeks 9 1/2 ure barstte er brand uit in de meestoof, het Gulden Kruis, te Kruisland , gemeente Steenbergen , welke brand een zeer dreigend aanzien had, voor de gebouwen der stoof en het vrij aanzienlijk getal vaten daarin voorbanden. Door de spoedig aangebragte hulp der Steenbergsche brandspuit, is het gelukt het vuur meester te worden , zoodat de schade zich bepaald heeft bij den toren, welke geheel afgebrand is, en ruim 300 M. groene meekrap, welke gedroogd werd, zijnde dit juistt de laatste welke verwerkt moest worden. De oorzaak van het ongeval is onbekend.
06-01-1855: Algemeen Handelsblad
Steenbergen, 3 Jan. In den nu afgeloopen nacht heeft er in de nabij deze gemeente gelegen meestoof een hevige brand gewoed, waardoor eene beduidende schade aan het gebouw is veroorzaakt, hetwelk in eene Amsterdamsche maatschappij tegen brandschade gewaarborgd is.