bouwjaar
circa
verdwenen
verbrand door blikseminslag op 19 juni 1868
eigendomshistorie

Pachters van de molen : 
Leendert de Pater = 1763 tot 1771 
Joost Stout = 1771 tot 1805 
Egbertus van Schiven = 1805 tot 1833

 

1833: de molen was eigendom van Mr. A. van Beusechem

 

molenaars
geschiedenis

Deze molen heette "Om te Leven", het was een ronde stenen grondzeiler met een trommelvang in plaats van een vangstok. 
In de jaren voordat deze molen vervangen werd door de stellingmolen, die pas enige jaren na zijn bouw "de Verwachting" (waarsch. was maalder Hendrik Knoop Hendrikzn de naamgever) zou gaan heten, stond er tegen het molenaarshuis een rosmolen ter ondersteuning van het maalbedrijf. De geschiedenis van de Harmelense molen gaat voor zover bekend terug tot ongeveer 1630 en de eerste molen was een standaardmolen gevolgd door een achtkante grondzeiler, Om te Leven, De Verwachting en resp. de maalderij van Van Eck.

 

10-05-1862: Utrechtsche provinciale en stads-courant, algemeen advertentieblad

Wordt ten spoedigste gevraagd een Timmermansknecht, bekend met boerenwerk, Adres in persoon bij J. Gebbenk, Mr. Timmerman te Harmelen

 

21-05-1863: Utrechtsch provinciaal en stedelijk dagblad

De verkooping van den Korenmolen c. a., te Harmelen, bepaald op Donderdag den 21. Mei 1863, zal op dien dag geen plaats hebben, maar is alsnu definitief vastgesteld en bepaald op DONDERDAG den 28. dierzelfde maand, voormiddag elfure, in het Gemeentehuis le Harmelen. Omtrent nadere inlichting vervoege men zich in persoon of met franco Brieven, ten kantore van den Notaris VAN GEYTENBEEK te Harmelen.

 

03-12-1867: Utrechtsch provinciaal en stedelijk dagblad, algemeen advertentieblad

Wind-Koornmolen.

Op Vrijdag, den 13 December 1867, des voormiddags ten 11 ure, zal in het Gemeentehuis te Harmelen, aan den meestbiedende worden verkocht: Een welbeklante, zeer gunstig gelegen goed onderhouden Wind-Koornmolen, met drie paar Steenen, benevens hechte, sterke Huizing, bevattende 5 Kamers, Keuken en Zolders met Wagenschuur, Paardenstal, Tuin, Grond en Erf, alles gelegen aan de rivier den Rijn te Harmelen. prov. Utrecht, kadastraal groot 16 roeden, 50 ellen. - Te aanvaarden 1 Januarij 1868.

Inlichtingen te bekomen bij de Notarissen W. de Gelder, te Montfoort en O.W. van Geijtenbeek, te Harmelen, alsmede bij den Heer J. Gebbenk, Molenmaker aldaar.



De 's-Heeren Korenmolen werd in 1862 [?] gebouwd ter vervanging van zijn verbrandde voorganger in opdracht van de Heer van Harmelen. Zes jaar later, in 1868 werd de molen gekocht door pachter-molenaar Hendrik Knoop en kreeg zij de naam 'de Verwachting'.
Op 19 juni 1868 verbrandde de molen nadat hij was geraakt door de bliksem. De molen werd toen weer herbouwd.
Tekst: Mike D. Ekelschot, 23 februari 2005.
-----

- JAARVERSLAG Gemeente Harmelen 1868 -
Opgave der gedurende het jaar voorgevallen branden en rampen, die opmerking verdienen:
"Uitbranden der Korenmolen in den nacht van den 19en Junij".

In de nacht van de 19e juni 1868 brandde de molen af volgens het jaarverslag van het gemeentebestuur. In de eerstvolgende gemeenteraadvergadering na de brand van 24 juni 1868 klaagde ambachtsheer A. de Joncheere over het te laat aankomen van de grote pomp op de locatie en het brandweerhandelen in deze. Er werd een commissie ingesteld. Laat zich raden want de molenwerf was moeilijk te bereiken. Hopelijk kon Godert Francois het brandverzekeringsgeld nog innen. Zou anders wel zuur zijn geweest voor hem. Zou interessant zijn te weten tot hoe hoog de brandverzekering was gesteld. Pieter Johan was wel tegen brand verzekerd ...
Mike Ekelschot, 3 aug. 2012.