bouwjaar
herbouwd
1949
wederopbouw
Maalvaardig gemaakt na jaren verwaarloosd te zijn geweest en zonder stelling te hebben gestaan.
bestemming

Het malen van graan, thans op vrijwillige basis

molenmaker
? (1833) Fa. Roemeling & Hassing, Scheemda (1949)
omwentelingen
geschiedenis

In 1832 nam Bernier Lucas Homan het initiatief een molen in Gieten te laten bouwen. Het gemeentebestuur had geen bezwaar tegen de plaats waar Homan de molen dacht te bouwen omdat de molen 22 Ellen van den publieke weg verwijderd (was), zodat de daarstelling van het trafiek in genen deele voor de publieke passage hinderlijk, nadelig of gevaarlijk is. In 1833 werd de molen in gebruik genomen.

Tot 1947 bleef de molen in bezit van de familie Homan. In dat jaar nam mulder E. Greving deze voor ƒ 4000,-- over. Met deze aankoop nam hij best wel risico's want om te beginnen moest flink worden geïnvesteerd: sinds 1936 stond de molen zonder stelling en ook vertoonde het rietdek een paar grote gaten. 

In 1949 volgde dan een zeer forse opknapbeurt: een nieuwe stelling maar daarnaast ook een geheel nieuw rietdek. De windkracht werd daarna ook benut. Geheel probleemloos ging dit niet: de toen aangebrachte halve verdekkering maakte de molen nogal hollerig, wat voor het malen van graan natuurlijk geen goede zaak was. 

In 1964 sloot eigenaar E. Greving een overeenkomst met de gemeente: deze nam de onderhoudskosten op zich. De gemeente Gieten probeerde destijds de molen al aan  te kopen, maar de onderhandelingen gingen moeizaam. 
In datzelfde jaar 1964 volgde een herstelbeurt, waarbij onder meer nieuwe roeden werden gestoken. Dat was ook nodig, want in november 1963 was de binnenroede gebroken. 

De bovenas werd in april 1965 doorboord door de bekende, inmiddels in ruste zijnde, molenmaker Harm Wiertsema. De halve verdekkering kreeg hierna neusremkleppen; de hollerigheid zal daarmee wel beteugeld zijn. 

Na een volgende ronde van stilstand en (in dit geval licht) verval volgde in 1982 opnieuw restauratie. Onder andere werden stelling, vloeren, lange en korte spruit vernieuwd en werd de binnenzijde van de muren gestucadoord. Nadien zou de molen sporadisch draaien, tot in 1988 de eerste vrijwillig molenaar hier begon. 
Tot rond 2000 werd de molen gebruikt als opslagruimte voor de dierenspeciaalzaak van eigenaar Greving; hierna breidde hij zijn winkelpand aan de Eexterweg uit.

Bij de zeer zware storm van 25 januari 1990 brak het schouderstuk van de vang en ging de molen ervandoor. Gelukkig ontbraken de remkleppen reeds en ook was de molen wanwichtig. Vader en zoon Greving zagen, geholpen door enige omwonenden kans, het wiekenkruis tegen te houden. 

In 2003 kreeg de molen opnieuw andere roeden en in 2014 begon een ingrijpende restauratie en wel aan het achtkant: in 1949 had de molen weliswaar een nieuw rietdek gekregen, maar het achtkant daaronder, dat daarvoor geruime tijd in weer en wind had gestaan, was hier en daar sterk aangetast en toen alleen provisorisch hersteld. Dus nu was het achtkant zelf aan de beurt. Ook kwam er, niet verwonderlijk, weer een geheel nieuw rietdek. 

De molen draait geregeld en maalt af en toe. 

trivia

De in 1957 geïnstalleerde mengketel is afkomstig uit de molen van Grijpskerk (die toen gedeeltelijk uitgesloopt werd). In Gieten is de mengketel evenwel nooit gebruikt: volgens de toenmalige wetgeving moest er simpelweg één aanwezig zijn.

Het doorboren van een bovenas is geen vanzelfsprekende zaak en alleen hele sterke en eigenwijze jongens kunnen dat. Albert Roemeling durfde dit anno 1965 zelf niet en vroeg vervolgens zijn (gepensioneerde) leermeester Harm Wiertsema, 74 jaar oud. Naar verluidt liet Wiertsema de molen zó hard draaien, dat molenaar Greving toen letterlijk is weggerend! De bovenas was evenwel perfect doorboord.