- bouwjaar
- bestemming
Bemalen van de polder Langerak, thans op vrijwillige basis.
- molenmaker
- Pieter Gerrit Luyts, Haastrecht (1652) Fa. de Gelder, Arkel (1983/84)
- omwentelingen
- eigendomshistorie
De SIMAV is eigenaar sinds 1977, daarvoor was dat de polder Langerak.
- geschiedenis
-
De Westermolen bemaalde met de Oostermolen, ook een wip, en de Broekmolen, een achtkant, de polder Langerak.
Over de bouw van de Westermolen is vrij veel bekend: op 28 maart 1652 vond de openbare aanbesteding plaats: er moest een nieuwe molen komen, ter vervanging van een oude wipmolen, die kennelijk als versleten werd beschouwd. Van die laatste zou alleen het gaandewerk moeten worden hergebruikt.
Laagste inschrijver was Pieter Gerritszn. Luyt, timmerman te Haastrecht. Hij diende voor ƒ 1930,-- de oude molen af te breken en de nieuwe molen maalvaardig op te leveren, dit alles binnen drie maanden. Voor iedere week dat het werk later werd opgeleverd, werd een boete berekend. Een opvallend detail in het bestek is het aanbrengen van een bedstede in het bovenhuis.
Het afkomende hout van de oude molen werd door het bestuur in 93 kavels aan de hoogstbiedende verkocht.
Van de drie molens van de polder Langerak bleef alleen deze Westermolen over; de andere twee verdwenen betrekkelijk kort na elkaar: in 1939 brak men de Oostermolen af om op die plaats een dieselgemaal te bouwen. De Broekmolen ging op 11 mei 1940, de tweede oorlogsdag, verloren toen een Duits gevechtsvliegtuig de molen beschoot waarna deze in brand raakte.
De Westermolen bleef tot 1974 in gebruik voor het bemalen van de polder Langerak en werd in 1977 verkocht aan de SIMAV.
In de loop der jaren was intussen heel wat onderhoud aan de Westermolen verricht. In 1857 werden voor- en achterwaterloop voor ƒ 719,13 vernieuwd door Johannes den Besten jr. uit Nieuwpoort. In 1904 herstelde J. Stout uit Nieuwpoort voor ƒ 149,-- een gedeelte van de voorwaterloop en de sprenkelstraat.
In 1952 voerde Jan Bos uit Almkerk enige herstelwerkzaamheden uit, zoals het vervangen van de achterzomer, penbalk, wolfsbalk, kovelensbalk, kapdelen en gangwerk in het bovenwiel en bovenschijfloop.
Molenmakerij vh. J. de Gelder b.v. uit Arkel voerde in de jaren 1983-1984 een belangrijke restauratie uit: een deel van het bovenhuis werd vernieuwd, alsmede de gehele kap en staart, terwijl ook het metselwerk aan voor- en achterwaterloop stevig onderhanden werd genomen. Op 5 oktober 1984 stelde burgemeester J.G. de Groot door het lichten van de vang de molen officieel in gebruik.
In latere jaren werd nog belangrijk aanvullend onderhoud verricht: nieuwe kruisarmen in het bovenwiel (1994); datzelfde wiel geschrooid en twee nieuwe vangstukken (1996).
In 2010/2011 vond zeer ingrijpend herstel plaats aan de fundering. De molen, die hier en daar verzakt was, werd op nieuwe palen en betonnen balken gezet. Door ouderdom en ongedierte aangetaste hoek- en manderstijlen werden schoongezaagd en bijgestort in epoxy. Ook de bovenzetel werd grotendeels vernieuwd. In augustus 2011 kwam dit werk gereed.
Opmerkelijk: in juli 2023 moest deze molen een geelgroene 'jas' aantrekken om daarna te worden uitgegast tegen de bonte knaagkever. Vanouds is dit ongedierte een vijand van molens, zeker van iets oudere.