|
|
| Romp | Houten achtkant, gedekt met riet, op houten onderbouw, gedekt met gepotdekselde planken | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Kap | Gedekt met riet | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Vlucht | 22,60 m. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenvorm | Oud-Hollands | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekverbeteringen | Deze molen heeft nooit een wiekverbetering ondergaan. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenkruis |
Bovenas |
Geschiedenis
Molen De (Bleeke) Dood is een in 1655-1656 gebouwde en als korenmolen ingerichte achtkante bovenkruier met stelling. Over de oprichting van deze molen is indertijd veel te doen geweest, eindigende met een langdurig proces voor het Hof van Holland. In of kort voor 1652 richtte de als ondernemend en waagziek bekend staande koopman Adrijaen Gerritsz. zich in een verzoekschrift tot de schepenen van de "banne van Westzanen om zekere perceelyhout Molen", waarvoor de buren veel angst hadden vanwege het eraan verbonden brandgevaar, te mogen veranderen in een korenmolen. Het verzoekschrift was mede ondertekend door een aantal stijfselmakers, die verklaarden dat er voor hen weinig maalcapaciteit was om bun stijfselgoed - tarwe die slechts gebroken hoefde te worden - in de vereiste hoeveelheden te malen. De korenmolenaars, hiervan horende en blijkbaar beducht voor concurrentie richtten daarop eveneens een adres aan de dorpsregering, waarin het eerste verzoekschrift werd tegengesproken en waarin verzocht werd om geen toestemming te verlenen.
Na op zijn verzoek niets te hebben vernomen zond Adrijaen Gerritsz. een nieuw rekest in en op 3 januari 1653 besloten schepenen en vroedschap van de banne van Westzanen een nieuwe korenmolen te bouwen - het plan van de perceelyhout Molen kwam dus niet in aanmerking - en wel op de Koog. Op 9 juni 1654 werd nog weer een nieuwe plaats bepaald en wel daar waar voordien de molen De Ouwevaar of Ooievaar had gestaan, een waarschijnlijk voor die tijd vrij grote oliemolen, waarvoor de windbrief gedateerd was op 14 juni 1631, waarna met de bouw van de nieuwe molen was begonnen. De van de zijde van Wormer en Oost Zaandam gevreesde oppositie hiertegen bleef niet uit, hetgeen leidde tot een proces dat uiteindelijk door die van de Westzanerban werd gewonnen. Op 1 September 1655 was men met de werkzaamheden voor de molen bezig en aan het eind van het daaropvolgende jaar was hij geheel gereed. De dorpsregering van Westzaan had echter eerst op 16 september 1656 toestemming tot de oprichting gekregen evenals het recht van de wind. De naam De Dood heeft de op het eind van Zaandijk bij de grens met Koog aan de Zaan staande molen vermoedelijk al vanaf het begin gedragen, want in 1664 werd hij in ieder geval reeds zo genoemd. Tot op heden wordt aangenomen dat deze naam verband hield met de in 1633 gebouwde watermolen van de polder Westzaan, die tot 1904 aan het andere eind van het dorp stond, en die de naam Het Leven droeg, waardoor de Zaandijkers altijd tussen leven en dood verkeerden. De vraag rijst echter wanneer de naam Het Leven in gebruik gekomen is. Poldermolens droegen zelden een naam, zodat het waarschijnlijk lijkt dat Het Leven zijn naam ontleende aan de aanwezigheid van De Dood, in plaats van andersom. De naam De Dood zou wel eens zijn oorsprong kunnen hebben gehad in de perikelen die aan de stichting van deze molen waren voorafgegaan. De molen is lang eigendom geweest van de familie Schoorl: Jan Schoorl, geboren op 07-07-1697 te Alkmaar, ovl. te Zaandijk [nh] 09-11-1753. Korenmolenaar op de Westermolen te Barsingerhorn. Koopt later ‘De Bleeke Dood’ in Zaandijk. Dirk Schoorl, (zn. van Jan Schoorl), geb. circa 1727, ovl. te Zaandijk [nh] 19-04-1793. Jan Schoorl, (zn. van Dirk Schoorl), geb. te Zaandijk 29-04-1759, zoon Dirk; verkoopt op 7-2-1824 de molen. De molen is dan 94 jaar in familie geweest. Op 17 januari 1911 ontstond een begin van brand in de molen, die echter kon worden geblust, maar op 9 april 1922 kwam hij door brand bijna werkelijk aan zijn einde. Als gevolg van overwaaiende vonken van een brand in de directe omgeving vatte het rietdek vlam, maar dankzij het krachtige optreden van de brandweer kon ondergang worden voorkomen. De brandsporen zijn tot de dag van vandaag nadrukkelijk aanwezig! Omstreeks 1910 was al een hulpaandrijving in de molen aangebracht. Op de stellingzolder was toen een elektromotor geplaatst die het gaande werk van de molen kon aandrijven. De windkracht bleef echter in gebruik, ook na de brand. Tenslotte is er nog een tijd gemalen met slechts één roe want men had van de slechte binnenroe het hekwerk en de beide uiteinden moeten verwijderen. Op 16 september 1931 werd het in verval geraakte wiekenkruis verwijderd. Drie jaar later, in 1934, werd de molen door verwijdering van staart en stelling nog verder onttakeld. In deze staat bleef hij echter, ondanks diverse tussentijdse sloopplannen, als elektrisch aangedreven maalbedrijf bewaard. De onttakelde molen, waaruit in de daaropvolgende tijd nog het bovenwiel, de bovenbonkelaar en diverse korbelen van het onderachtkant waren verwijderd, ging in 1950 in eigendom over aan de Vereniging De Zaansche Molen, die hem in 1956 geheel liet restaureren. Vervolgens kwam de molen weer in bedrijf; molenaar was toen Arie Berkhout (naamgenoot en achterneef van bekende molenaar Arie Berkhout van Het Roode Hert te Alkmaar). Hij maalde tot 1967 hier voornamelijk oud brood tot paneermeel (en leverde dit aan restaurants en snackbars in de omgeving). Tegenwoordig wordt de molen vaak op vrijwillige basis in bedrijf gesteld waarbij soms wordt gemalen. Constructie Tot in of kort na de Eerste Wereldoorlog kon men vanuit de Zaan met een schuit tot onder in de molen varen om te laden en te lossen. Het buiten de molen gelegen deel van het haventje is pas in 1967 geheel gedempt. Aanvullingen
Uniek aan deze molen:
De oudste nog bestaande stellingmolen van Nederland
©
Foto's: Rob Pols (19-7-2005).
©
Foto: F. Hendriks (6-9-2007).
©
De Bleeke Dood vroeger met mooimakersgoed.
Foto n.n., collectie Rob Pols. Draag zelf bij
|