Nederlandse Molendatabase  
Amsterdam, Noord-Holland
Database nr. 637
Inventaris nr. NH132
Naam De Otter
Bouwjaar 1631 / 1996
Type Paltrokmolen
Kenmerken Paltrokmolen
Functie Zaagmolen
Ligging Gillis van Ledenberchstraat 78
1052 VK Amsterdam
Rijksdriehoek X: 119843 Y: 487715
toon op kaartje
toon in Google Streetview
Gemeente Amsterdam
Kadaster Gemeente Amsterdam, sectie Q, nr. 7680
Monumentennummer 1198
Landsch. waarde Zeer beperkt; de molen staat al sinds ca. 1920 vrijwel ingebouwd.
De toch al problematische omgeving is in de 21ste eeuw door grootschalige hoogbouw nog verder verslechterd.
Eigenaar Stichting Houtzaagmolen De Otter
Bedrijfsvaardigheid Maalvaardig
Bestemming Vh. het zagen van hout op vrijwillige basis; thans buiten bedrijf
Molenaar -
Bezoekmogelijkheid Niet meer te bezichtigen

© Foto: Rob Pols (10-10-2004).   
Constructie
Romp Gedekt met hout, voorzijde in visgraatverband
Kap Gedekt met gepotdekselde planken
Vlucht 19,50 m.
Wiekenvorm Oud-Hollands
Wiekverbeteringen Op deze molen is nooit een wiekverbetering toegepast.
Wiekenkruis
Fabrikaat Nummer Positie Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info Derckx0808buiten19951995aanw.19.50 m.
klik voor meer info Derckx0809binnen19951995aanw.19.50 m.
Bovenas
Fabrikaat Nummer Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info Saendijckg.n.19961996aanw.-
Kruiwerk Specifiek kruiwerk met 46 houten rollen; kruirad
Vang Vaste stutvang uit drie stukken; vangstok; trekvang; pal
Inrichting Drie zaagramen (met twee sleden); kraan; winderij
Overbrengingen Bovenwiel (vangwiel met daarachter een apart sterwiel) 71 kammen
Krukwiel (schijfloop) 29 staven
Overbrengingsverhouding 1 : 2,45
Hoogte van de stelling: 2,80 m.
Molenmaker ?? (1631)
Fa. Saendijck, Zaandijk (1996)
Versiering
Fraaie open makelaar

Op de achterbalk een bord met de naam 'De Otter'.
Verwijzingen
Eigen website De Otter
Ten-Bruggencatenr. 02484 a
allemolens.nl zoek op Ten-Bruggencatenummer in allemolens.nl naar aanvullende informatie
Geschiedenis
Molen De Otter, vroeger waarschijnlijk genaamd De Kleine Otter, is een in of kort na 1631 gebouwde paltrokhoutzaagmolen. Oorspronkelijk maakte deze molen deel uit van een groep van 12 houtzaagmolens, dat wil zeggen: elf paltrokken en ŽŽn bovenkruier, die tussen 1630 en 1638 werden gebouwd op een tussen de Kostverlorenvaart en de westelijke stadsgracht gelegen terrein.
In 1638 wordt als eerste eigenaar Barend Willemsz. Prins genoemd. Andere namen van eigenaren in de 17de en 18de eeuw waren: Gelepey, Buys, Napels en Sodenkamp.

In 1817 werd de molen gekocht door Gerrit van der Beyl, waarmee de basis werd gelegd voor de latere firma Gt. van der Bijl. Het molenbezit van deze firma werd hierna uitgebreid met de aankoop van de naburige paltrok Het Luipaard in 1829, De Valk in 1835 en De Kool in 1860.

Vanaf ca. 1860 begon de economische neergang van de Amsterdamse houtzagerijen, maar de firma Van der Bijl was hiervoor minder gevoelig, omdat zij zich tevens met de houthandel bezighield. Haar molenbezit ging evenwel teniet als gevolg van stadsuitbreiding. Het hele terrein van de firma viel namelijk binnen Blok III van het in 1877 vastgestelde uitbreidingsplan van de stad.
Vermoedelijk verdween in of kort na 1892 als eerste De Kool, want in mei van dat jaar werd hij aan de gemeente verkocht. Het Luipaard en De Otter zijn waarschijnlijk tot in het begin van de 20e eeuw in bedrijf gebleven. Een foto van laatstgenoemde uit 1917 doet vermoeden dat hij toen al enige tijd buiten bedrijf was.

In november 1925 is De Otter, nadat de houten as was gescheurd, onttakeld maar de romp bleef, compleet met binnenwerk, staan. De eveneens onttakelde en sterk vervallen romp van Het Luipaard werd met bijbehorende molenwerf in 1931 verkocht en is kort daarna afgebroken. De ten noorden van De Otter gelegen molen De Eenhoorn was als laatste Amsterdamse windhoutzaagmolen in 1929 nog in gebruik, maar is in of voor 1931 eveneens afgebroken. De Otter bleef als molenromp staan en handhaafde zich, met de houthandel Van der Bijl, gedurende de gehele 20ste eeuw.

In 1977 werd De Otter op de monumentenlijst geplaatst en in 1994 startte een ingrijpende restauratie die in 1996 werd afgerond. Hierna was deze molen weer regelmatig in bedrijf.
 
Grootschalige stedenbouwkundige ontwikkelingen bedreigden deze molen echter: verplaatsen van deze molen was de dringende wens van molenliefhebbers; anderen meenden dat deze molen op zijn plaats moest blijven. In de zomer van 2006 bepaalde een rechter, dat de molen op zijn plaats moet blijven. Dit was voor molenaar Paul Rijkers aanleiding om de molen stil te zetten en zijn ontslag in te dienen.

Begin 2009 werd de molen weer draaivaardig gemaakt, maar veel is er sindsdien niet meer gebeurd.

Inmiddels is vrijwel iedereen ervan overtuigd dat deze molen beter verplaatst kan worden naar Uitgeest, maar ter plaatse is er nog verzet. In de zomer van 2011 was de strijd in ieder geval nog niet beslist.
In november 2011 kwam op formele gronden de voorlopige beslissing, dat de molen niet kon worden verplaatst. Dit omdat de bevoegdheid voor het verlenen van de vergunning niet bij de rechtbank ligt, maar bij de stadsdeel van Amsterdam.

Voor De Otter betekent dat een voortzetting van de huidige, zeer onbevredigende situatie. Met de molen wordt niet meer gedraaid en gezaagd; wel wordt er toezicht gehouden en het wiekenkruis af en toe in een andere stand gezet.

Constructie
De Otter is een vrij kleine molen die evenals verscheidene andere Amsterdamse molens een links geplaatste kraan had. Dit betekent dat men, staande voor de molen, de kraan waarmee de stammen uit het water op de zaagvloer werden gehesen op het linker uiteinde van de zaagvloer zag staan. Bij de meeste paltrokken stond de kraan aan de rechterkant wat doet vermoeden dat De Otter een oude paltrok is. Na de onttakeling van 1925 bleef het verdere gaandewerk van de molen intact.
De romp van de molen is samengesteld uit eiken- en grenenhout, waarbij ook gebruik is gemaakt van eiken krommers. Zo te zien zijn onder andere de kruisen in de wandconstructie al eens voor een deel vernieuwd, ongetwijfeld om de molen meer stijfheid te geven. Het totaalbeeld dat de molen biedt rechtvaardigt het vermoeden dat hij ook inderdaad van omstreeks 1631 dateert.
Zeer opmerkelijk is ook de borstnaald: die is gemaakt van een oude houten roede, die nog bedoeld was voor een dwarsgetuigd wiekenkruis!

Opvallend is, dat de krukas hier aangedreven wordt door een schijfloop in plaats van een varken met kammen. Het bovenwiel wijkt daardoor ook af: het bestaat uit een apart vangwiel en een direct hierachter geplaatst 'sterwiel'.
Er zijn drie zaagramen aanwezig, waarvan de achterste echter voornamelijk als pompraam lijkt te hebben gewerkt.

Aanvullingen
Uniek aan deze molen:
De oudste nog bestaande paltrok van Nederland: de hoofdconstructie is nog grotendeels authentiek.

Bovendien is het de enig overgeblevene met een rechtse kraan.

© Foto: Julius Meijer (26-3-2012).

© Foto: Julius Meijer (26-3-2012).

© Foto: Piet Glasbergen (17-6-2013).
Draag zelf bij

Laatst bijgewerkt: vrijdag 19 juli 2013 | Foto

bovenzijde Gebruiksvoorwaarden en auteursrechten    

zoek in database zoek op provincie Stuur een e-mail over molen De Otter, Amsterdam home vorige pagina