|
© Foto: Ton Koorevaar (27-7-2010). |
| Romp | Grenen achtkant, gedekt met riet, op gemetselde voet van ca. 2 meter hoog | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Kap | Gedekt met riet | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Vlucht | 23,60 m. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenvorm | Oudhollands | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekverbeteringen | Deze molen heeft nooit een wiekverbetering ondergaan. Dit was voor de onttakeling van ca. 1930 ook al het geval. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenkruis |
Bovenas |
Geschiedenis
Oorspronkelijk is deze achtkante bovenkruier gebouwd als schepradmolen voor de bemaling van de Zwarte- of Schinkelpolder. De voorganger van deze molen was een zwart geteerde wipmolen die aan de oever van het Haarlemmermeer stond. De naam Zwartepolder komt vermoedelijk van deze molen. Nadat de wipmolen te slecht was geworden voor herstel werd de nieuwe (huidige) molen op een andere plaats gebouwd omdat de bedreiging van het Haarlemmermeer op de oude plek (waar thans de Bosrandbrug is gelegen) groot was. De nieuwe molen werd gebouwd door Joost Timmers, meester-molenmaker te Oude Wetering.
De polder werd later geheel uitgeveend en was rond 1850 vrijwel geheel in een waterplas veranderd. In 1857 werd 200 meter ten noordwesten van de molen een grote vijzelmolen met een vlucht van 28.20 m. gebouwd om de plas droog te malen. De schepradmolen werd toen voorzien van zes zuigerpompen. Dit voldeed echter maar matig en aangezien de vijzelmolen het werk ook alleen afkon, werd de molen in 1866 verkocht aan Jacob van Zijverden. Deze verbouwde de molen als korenmolen. Vermoedelijk is daarbij het binnenwerk van de in 1864 gesloopte molen De Ruyter in Zaandam gebruikt. In de molen heeft tenminste een oud wandbord gehangen waarop stond: DE RUITER IN HET VELD RIJDT UIT OM BUIT TE HALEN MAAR IK BEN HIER GESTELD OM TARW EN ROG TE MALEN GELIJK EEN RUYTER WAAGT VOOR VADERLAND ZIJN LIJF ZO BEN IK HIER GESTELD DE BURGER TOT GERIJF. Naar aanleiding van dit bord zou de molen de naam de Zwarte Ruiter hebben gekregen. Tot de Eerste Wereldoorlog is de molen in bedrijf gebleven. In die periode werd de molen gehuurd door Van der Born (van De Leeuw te Aalsmeer) toen zijn eigen molen aan de ketting was gelegd vanwege illegaal malen. In 1920 werd de molen getroffen door de bliksem waardoor er een roe-end verloren ging. Omstreeks 1930 verdween het gehele gevlucht en na de Tweede Wereldoorlog ook staart en binnenwerk. Doordat de heipalen na de droogmaking van de plas gedeeltelijk boven het grondwater zijn gekomen is de toestand van de fundering steeds slechter geworden waardoor de molen scheef ging zakken. Al in de jaren ’70 waren er ideeën om deze molen weer als molen te completeren. Het heeft nog een tijd geduurd voordat het zover was. In 2002 kreeg de molen een nieuwe fundering en is daarbij weer rechtgezet door de molen aan de polderzijde 35 cm. omhoog te halen. In 2003 werd de kap voorzien van een nieuw windpeluw met voorkeuvelens, nieuwe spruiten, een nieuwe rolring met rollen, een nieuwe voering en vang rond het bovenwiel en een nieuw rietdek. Ook is de molen weer voorzien van staart en schoren. Op 10 oktober 2003 werden de roeden gestoken. Later volgden nog uitgebreide werkzaamheden aan het rietdek. Maar op 30 januari 2007 draaide de molen voor het eerst sinds 1919. De molen is draaivaardig, al is de omgeving door de talrijke beplantingen niet ideaal voor een windmolen. Aanvullingen
Over de naam:
Vermoedelijk is voor de verbouwing tot korenmolen (1866) het binnenwerk van de gesloopte Zaanse korenmolen "De Zwarte Ruiter" gebruikt. Overige wetenswaardigheden:
De molen ligt zeer ver weg van het centrum van Aalsmeer en feitelijk dichter bij Amstelveen.
©
Foto's: Ton Koorevaar (27-7-2010).
©
Foto's: Kees van der Veer (2006/2007).
©
Foto: Donald Vandenbulcke (22-3-2012).
©
Foto: Piet Glasbergen (5-3-2013).
Draag zelf bij
|