|
© Foto: Rob Pols (6-5-2008). |
| Romp | Eiken achtkant, gedekt met riet, op lage voet | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Kap | Gedekt met riet | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Vlucht | 27,40 / 27,50 m. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenvorm | Oud-Hollands | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekverbeteringen | Deze molen heeft nooit een wiekverbetering ondergaan. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenkruis |
Bovenas |
Geschiedenis
In 1641 werden negen kleine poldertjes samengevoegd en vervolgens in 1642 een 'bequame' molen gebouwd. De nieuwe molen moest in staat zijn de gehele polder droog te houden. Eén van de opzichters bij de oplevering was de bekende Leidse stadsbouwmeester Arent van 's Gravenzande.
In eerste instantie was deze molen uitgevoerd als binnenkruier. Opmerkelijk is, dat deze grote molen zeer lang met een houten as heeft gemalen. Pas in 1891, toen de Zoeterwoudse molenmaker A.P. Vreeburg de kap vrijwel geheel vernieuwde, is een gebruikte gietijzeren as gestoken. Deze werd verkregen via sloper A. van de Weg uit Dordrecht. Eerder waren al wel twee ijzeren Potroeden gestoken. Tot 1952 bemaalde de molen de Groote Westeindsche polder; toen werd het laatste sluisje van de polder gesloopt. Op die plek, aan de Verlaatweg, werd een nieuw gemaal gebouwd waardoor de molen buiten gebruik kwam. In 1961 werd de inmiddels vervallen molen eigendom van de Rijnlanse Molenstichting en direct volgde een hoognodige restauratie, uitgevoerd door Jan de Gelder uit Oegstgeest. Belangrijk was ook, dat het rietdek geheel werd hersteld. Dat was inmiddels, met name op ZW, vrijwel verdwenen! In 1996 volgde een nieuwe grote herstelbeurt, waarbij onder meer beide roeden werden vervangen. Geleidelijkaan is de omgeving van de molen verslechterd: aan de overzijde van de snelweg A4 werd een recreatiebos aangelegd, dat inmiddels behoorlijk hoog is geworden. In 2005 werden betrekkelijk dichtbij deze molen kort na elkaar twee grote moderne windturbines neergezet die de aanblik op de molen en diens dominerende positie vanaf de A4 grondig hebben bedorven. Plannen voor nieuwe wegenaanleg lijken begin 2013 verplaatsing onvermijdelijk te maken. Molenaars van deze molen: Jacobus 'Lange Jaap' Kerkvliet (1869 - 1915) Willem Borst (1915 -1952). Daarna als machinist. Na de restauratie van 1962 gebruikte Borst weer vaak de windkracht en liet het gemaal dan liever staan! Willem Borst overleed op 19 september 1972 in het zomerhuisje naast de molen. Ten tijde van Jaap Kerkvliets molenaarschap werd deze bij afwezigheid nogal eens vervangen door N. van den Akker, die hiervoor een vergoeding ontving van ƒ 0,20 per maaluur. Kerkvliet had een jaarsalaris van ƒ 140,- (later ƒ 156,-) maar vulde dat aan door het verrichten van allerlei werkzaamheden voor de polder. Aanvullingen
Over de naam:
Formeel wordt deze molen aangeduid als "De Westeinder", naar de polder die hij nog steeds kan bemalen. Evenwel is de naam "Zelden van Passe", zoals die op de baard staat, gebruikelijker geworden. Volgens overlevering is de naam 'Zelden van Passe' ontstaan, omdat de molenaar enerzijds het peil van de polder zo laag mogelijk moest houden, maar anderzijds ook niet te laag, omdat de boeren dan niet met hun schuiten door de sloten konden varen. Je kon het iedereen dus maar 'zelden van passe' maken. Meer molens hebben een dergelijke naam gehad: de molen van de Zuiderpolder te Haarlemmerliede werd 'Zeldenpas' genoemd; die van de polder Elsgeest onder Voorhout heette 'Zelden van Pas'.
©
Foto: Joop Vendrig (14-5-2005).
©
Foto: Imelda Spaans (15-5-2007).
Op de achtergrond de inmiddels beruchte windturbines. Draag zelf bij
|