|
© Op de voorgrond de Bremer 92 uit 1965. Foto: Frits Kruishaar (02-05-2009). |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Romp | Ronde stenen molen, boven de stelling geheel gepleisterd en gewit | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Kap | Vlaamse kap, gedekt met eiken schaliën | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Vlucht | 23,90 m. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenvorm | Oudhollands | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenkruis |
Bovenas |
Geschiedenis
Deze hoge ronde stenen stellingkorenmolen uit 1841 is grondzeiler geweest en later verhoogd.
In de buitenmuur van de romp zijn op ruim 1 meter hoogte rondom 14 ijzeren haken aangebracht die hebben gediend om de kap van deze zogenaamde kettingkruier vast te kunnen zetten. Een andere Vlaamse gewoonte is de ijzeren ring op 0,5 m hoogte naast de oostelijke deur om bij het takelen het leihoofd of voetblok aan te bevestigen. Opvolgers van eerste eigenaar Joh. Jos Cammaert waren in 1865 D. van Hevele, in 1870 C.L. Lippens en in 1886 L.C.L. Temmerman. Tussen 1891 en 1959 waren twee generaties Doens moleneigenaar, waarna de gemeente de molen aankocht. Op de vijf zolders tellende molen werd tot 1931 gemalen; na een roedebreuk dat jaar werd de molen onttakeld. In 1965 is de resterende peperbus door de Groninger molenmaker Doornbosch met behulp van gebruikte onderdelen, waaronder de ijzeren bovenas met gaande werk van een molen uit Hamont (B.) en van één uit het Brabantse Maarheze, weer tot complete molen gerestaureerd. Hoewel het op zich verheugend was, dat IJzendijke weer een molen had, was de kritiek op deze restauratie vrij groot: niet alleen zou de Vlaamse kap niet goed zijn uitgevoerd; ook het gaandewerk functioneerde niet geweldig, zodat van een echte maalvaardige molen geen sprake was. In 1985 kwam er een andere steenschijfloop; bij de vervanging van beide roeden (1995 en 2001) werd de ophekking weer Vlaams gemaakt, dus een vlakke zeeg, hekwerk tot tegen askop zonder wafelingen, bordopstand in relatie tot hekkens overal gelijk en weinig kikkers per eind (hier 5). Ook het kruihaspel werd vervangen door een meer streekeigen type en de niet-originele baard verwijderd. In 2009 kreeg deze altijd naamloze molen de naam 'De Witte Juffer'. Op zich niet heel slecht bedacht, maar deze molen heeft van zichzelf genoeg uitstraling om zonder naam te kunnen. Aanvullingen
Over de naam:
Deze molen heeft, voorzover bekend, nooit een naam gehad. Maar in 2009 kwam hieraan onverwacht een einde: op zaterdag 18 juli kreeg deze molen officieel de naam ‘De Witte Juffer’. Burgemeester Jaap Sala onthulde de naam door een hoopje meel weg te blazen waarna de naam zichtbaar werd. Het officiële naambordje wordt gemaakt door molenaar Ton Koops en zal later dit jaar op de molen prijken. Uniek aan deze molen:
De enige bovenkruier in Nederland met een Vlaamse kap. Literatuurverwijzingen:
M. van Hoogstraten, De Molens van Zeeland (Middelburg 1972), pp. 278-281 F. Weemaes, Molens in Zeeland (Goes 2003), pp. 344-346.
©
Foto: Hans Sonneveld (21-07-2007).
©
Foto: Hans Sonneveld (21-07-2007).
De nog altijd aanwezige kruihaken uit de tijd dat deze molen een kettingkruier was!
©
Foto: Pieter van Asten (april 2007).
De molen in de vreugd ter gelegenheid van het huwelijk van de dochter van de molenaar.
Laatst bijgewerkt: woensdag 1 september 2010 |