De molen van de voormalige polder Waarland is een waarschijnlijk eind 16de of begin 17de eeuw gebouwde achtkante binnenkruier. Hij bemaalde de 363 ha grote polder op de Geestmerambachts- of Raaksmaatsboezem.
De polder Waarland beboorde vanouds tot het zogenaamde oude land en werd voor de droogmaking van de omringende meren in de eerste helft van de 17de eeuw, bijna aan alle zijden omringd door de Geestmerambachtsboezem.
Waarschijnlijk is de windbemaling hier tegen het midden van de 16de eeuw ingevoerd. Op een van omstreeks 1571 daterende kaart staat op deze plaats een binnenkruier aangegeven met daarbij de aantekening: Waertmolen. De oorspronkelijk met een scheprad uitgeruste molen is tussen de jaren 1819 en 1863 vervijzeld. In 1877 is naast de molen een stoomvijzelgemaal gebouwd ter ondersteuning van de bemaling.
De molen is in 1949 als gevolg van een ruilverkaveling buiten bedrijf gekomen. De polder is toen met de naburige Slootgaardpolder, de Schaapskuilpolder, de Speketerspolder en de polder de Koog- en Bleekmeer samengevoegd tot het nieuwe Waterschap Waarland, waarvoor twee nieuwe gemalen zijn gebouwd. Na de buitenbedrijfsstelling zijn vijzel, vijzelwiel en onderbonkelaar verwijderd. De spil en de bovenschijfloop zijn in 1973 weggehaald en later geplaatst in de Grote Molen te Schellinkhout. De in 1965 door de gemeente aangekochte molen is in 1966 gerestaureerd en wordt zo af en toe eens in werking gesteld.
Als gevolg van de ruilverkaveling is de waterstaatkundige situatie in dit gebied sterk gewijzigd. De voorboezem en de vroegere poldersloten zijn verdwenen, terwijl het polderpeil sterk is verlaagd. De molen is zijn oorspronkelijke omgeving geheel kwijt en ingegroeid geraakt.
Constructie
Het eiken achtkant staat op merendeels op het hart van de molen gerichte penanten en heeft een boventafelement met blokkeelconstructie.
Opvallend is dat de beide bintlagen bestaan uit legeringsbinten die ter plaatse vrij van elkaar liggen. Die van de onderste bintlaag zijn ter verstijving van het geheel met vulstukken en bouten aan elkaar verbonden.
Merkwaardig is ook dat in een van de velden van het achtkant slechts een groot veldkruis aanwezig is, in plaats van twee, zoals in de overige velden. In alle velden is daarnaast ter verstijving nog een groot extra veldkruis aangebracht.
In 1935 is de molen voorzien van Dekkerwieken, die bij de restauratie in 1966 weer door het huidige wieksysteem zijn vervangen.
Het oude interieur van de woonruimte is in vrij oorspronkelijke staat bewaard gebleven.