Nederlandse Molendatabase  
Oosterend, Noord-Holland
Database nr. 689
Inventaris nr. NH001
Naam Het Noorden
Bouwjaar 1878
Type Grondzeiler
Kenmerken Achtkante Molen
Functie Poldermolen
Ligging Stuifweg 4
1794 HB Oosterend
Rijksdriehoek X: 122079 Y: 568612
toon op kaartje
toon in Google Streetview
Gemeente Texel
Kadaster Gemeente Texel, sectie L, nr. 143
Monumentennummer 35180
Landsch. waarde Bijzonder groot; zeer fraai in de wind en het zicht gelegen
Eigenaar Vereniging De Hollandsche Molen
Bedrijfsvaardigheid Maalvaardig in circuit
Bestemming Vh. bemalen van de polder Het Noorden; thans buiten bedrijf
Molenaar W. Keijzer
Telefoon 0222-313256
Bezoekmogelijkheid Op afspraak

© Foto: Martijn Scholtens (22-6-2011).   
Constructie
Romp Grenen achtkant, gedekt met riet, op ca. 2 m. hoge veldmuren
Kap Gedekt met riet
Vlucht 27,00 m.
Wiekenvorm Systeem Fauel met steekborden op beide roeden
Wiekenkruis
Fabrikaat Nummer Positie Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info ??binnen?19281950-
klik voor meer info ??buiten?19281949-
klik voor meer info Buurma0222binnen19891989aanw.27.00 m.
klik voor meer info Buurma0223buiten19891989aanw.27.00 m.
klik voor meer info Gorterg.n.binnen19501950198927.00 m.
klik voor meer info Gorterg.n.buiten19501950198727.00 m.
klik voor meer info Pot1933binnen19021903?192827.03 m.
klik voor meer info Pot1932buiten19021903?192827.32 m.
Bovenas
Fabrikaat Nummer Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info ???19281949-
klik voor meer info Enthoven & Co, L.I.068418901951aanw.-
klik voor meer info De Prins van Oranje1173187818781928-
Kruiwerk 48 ijzeren rollen, kruirad
Vang Losse Vlaamse blokvang uit vier stukken; vangbalk met haak; vangstok; kneppel; pal
Inrichting Drie schroefpompen (1928); woning in de molen
Overbrengingen Bovenwiel 59 kammen
Bovenschijfloop 24 staven
Aandrijfwiel beneden 3,21 m.
Kleine poelie 0,39 m.
Grote poelie 0,55 m.
Overbrengingsverhouding 1 : 20,2 / 1 : 14,4
Molenmaker W. de Jong, Den Helder (1878)
Versiering
Eenvoudige baard, donkergroen geverfd met wit afgebiesde krullen, zonder opschrift

In de veldmuur naast de oostelijke toegangsdeur is een gedenksteen ingemetseld met de tekst:
DE EERSTE STEEN GELEGD 12 AUGUSTUS 1878 DOOR SIJBR. KEYZER Pz. SECRETARIS VAN HET WATERSCHAP DE NEGENENTWINTIG GEMEENSCHAPPELIJKE POLDERS TE TEXEL.
Verwijzingen
Ten-Bruggencatenr. 01640
allemolens.nl zoek op Ten-Bruggencatenummer in allemolens.nl naar aanvullende informatie
Geschiedenis
Molen Het Noorden is een in 1878 gebouwde achtkante bovenkruier. Hij bemaalde de 791 ha grote polder Het Noorden, in noordoosten van het waddeneiland Texel, op de binnendijks gelegen bergboezem of kolk, welke bij laag water via een uitwateringssluis in de zeedijk kon aflopen op de Waddenzee.

Al in het midden van de 14de eeuw werd het oppervlak van het eiland Texel vergroot door het bedijken van buitendijks gelegen opgeslibde gronden. Op deze wijze ontstond in de loop der tijden het hoofdzakelijk aan de Waddenzee-kant van het eiland gelegen, uit 29 polders bestaande gebied. Nadat in 1835 de bedijking van de polder Eijerland was tot stand gekomen, bleef tussen deze polder en het aan de oostkant gelegen oude land van Texel een inham over, waardoor de zee diep landinwaarts kon binnendringen.
In 1871 werd deze zgn. Noordwaard door het bestuur van de 29 Gemeenschappelijke Polders voor bedijking aangekocht. Het plan van bedijking omvatte de aanleg van een afsluitende zeedijk met een hierin gelegen uitwateringssluis. Deze sluis moest drieledig worden uitgevoerd omdat de bedijkers zich hadden verplicht een grote binnendijks gelegen waterbergende boezem aan te leggen, in verband met de waterlozing van de polders Waal en Burg en Eijerland. De dijk kwam al gereed in 1876, maar de drooggevallen gronden waren in 1879 nog niet eens verkaveld.

Al spoedig bleek dat de vochtigheid van de grond bemaling wenselijk maakte, zodat aanvankelijk in de zuidwesthoek van de polder twee kleine houten watermolentjes werden geplaatst. Dit bleek niet afdoende zodat tot de bouw van een grote vijzelmolen werd besloten. Het werk werd voor f 31.090,- gegund aan W. de Jong uit Den Helder, waarna op 12 augustus 1878 de eerste steen kon worden gelegd.

In de jaren die volgden werd geleidelijk aan het polderpeil telkens verlaagd en ontstond de behoefte aan een betere bemaling. Daarom verrees in 1913 naast de molen een hulpgemaal in de vorm van een door een oliemotor gedreven centrifugaalpomp. Hierna schijnt de molen meer en meer buiten bedrijf te zijn gekomen tot hij, ook al vanwege mankementen, rond 1923 werd stilgezet.

In 1928 besloot men hem te laten herstellen overeenkomstig plannen van de Leidse molenbouwer A.J. Dekker, naar een ontwerp dat al eerder was gerealiseerd bij de poldermolen te Waardenburg (Gld.). De vervanging van de vijzel door drie schroefpompen en het aanbrengen van Dekkerwieken vonden nog datzelfde jaar plaats.
Deze ombouw kende een zeer ongelukkig moment: op 27 oktober 1928 brak tijdens het proefmalen de bovenas, waardoor het wiekenkruis naar beneden stortte. Vermoedelijke oorzaak is de ophanging van de vangstok geweest: die begaf het tijdens het vangen, waarna de vang het bovenwiel ineens afkneep. Reeds in december 1928 kon de met een tweedehands as en roeden herstelde molen weer malen.

Het was niet de eerste ramp die deze molen overkwam: op 10 januari 1949 brak de buitenroede tijdens het malen; hierbij werd ook het ashuis onherstelbaar beschadigd, zodat een andere bovenas noodzekelijk was; daarnaast was een deel van de binnenroede afgebroken.
Ditmaal was de animo bij het polderbestuur om de molen te herstellen niet groot meer. Het hulpgemaal (uit 1913) werd van een krachtiger motor voorzien en kon het werk blijkbaar goed aan; de molen leek niet meer nodig.

Bemiddeling van De Hollandsche Molen zorgde ervoor, dat de molen toch werd hersteld, al duurde dit lang: bijna twee jaar na de roedebreuk leverde molenmaker Wagemaker uit Oostwoud een maalvaardige molen op. Op 15 december 1950 werd de molen weer in bedrijf gesteld.
Voor dit herstel werd de bovenas van de tijdens de oorlog verwoeste molen te Bergen (Lb.) gebruikt; de roeden werden geheel nieuw gemaakt door de fa. Gorter; zij behoorden tot de laatste in Nederland vervaardigde geklonken exemplaren. Bij deze gelegenheid kreeg de binnenroede fokken met remkleppen en de buitenroede Oudhollands.
Rond 1965 is de windmolen als bemalingswerktuig definitief buiten gebruik gesteld.

Na in 1970 in eigendom te zijn overgedragen aan De Hollandsche Molen, volgde in 1973-1974 uitwendig herstel en werd de molen weer zo nu en dan in werking gesteld.

Op 2 oktober 1987 brak tijdens het malen de buitenroede. Deze onverwachte schadepost was aanleiding om de molen geheel te restaureren; hierbij zouden ook de uit 1928 daterende pompen worden hersteld. Het werk begon in 1989 en werd in 1992 voltooid. Veel aandacht werd besteed aan wiekenkruis en kap, vooral het kruiwerk. De molen kreeg fokken met steekborden op beide roeden.
En van de twee kleine centrifugaalpompen kon niet meer worden hersteld maar werd ook niet vervangen; de andere kleine pomp en de grote werden wel geheel herzien. De molen kan naar keuze met n kleine of de grote pomp malen, of eventueel met beide. Veel werk werd ook gemaakt van het fatsoeneren van de waterlopen, die in 1928 grotendeels in beton werden uitgevoerd.

Uitmalen op de Waddenzee is niet meer mogelijk: door het op Delta-hoogte brengen van de waddendijk, moest de spuisluis in de dijk afgesloten worden. D.m.v. een overstort op de molenkolk terug naar het polderpeil, is er een maalcircuit ontstaan.
Aanvullingen
Over de naam:
Deze molen wordt vernoemd naar de polder die hij kan bemalen.
Overige wetenswaardigheden:
Van het oorspronkelijke conische gaande werk is alleen nog het bovenwiel over. Dit drijft via een grotendeels stalen bovenschijfloop de gekorte en nu gedeeltelijk stalen koningspil aan. Een groot drijfwiel onder aan de spil brengt door middel van een drijfriem de met slipkoppelingen uitgeruste poelies van de pompen in beweging.
Deze als buitenkruier gebouwde molen werd in 1892 verbouwd tot binnenkruier. Vr 1925 was het buitenkruiwerk alweer in ere hersteld.

Als bijzonderheid geldt dat deze molen aan de onderkant van het rietdek een regengoot heeft voor de opvang van zoet water. Op het eiland Texel is het grondwater brak en dus ongeschikt voor gebruik als drinkwater. Het opgevangen water wordt in een voorraadkelder onder de molen opgevangen en vroeger door de bewoners van de molen als drinkwater gebruikt.
Literatuurverwijzingen:
Vries, G. de en L. Endedijk, 'Molen Het Noorden maalvaardig', in: Molens 29 (januari 1993) 12 - 17

© Foto's: Martijn Scholtens (22-6-2011).

© Foto: Martijn Scholtens (2-8-2008).

© Foto's: Harmannus Noot (4-7-2004).

© Foto: Piet Glasbergen (25-9-2010).

© Foto: Piet Glasbergen (25-9-2010).

© Foto: John Scholte (23-5-2011).

© Oude foto uit de tijd dat de molen was voorzien van het Dekkersysteem.
Foto ? (verzameling Rob Pols).
Draag zelf bij

Laatst bijgewerkt: woensdag 4 december 2013 | Foto

bovenzijde Gebruiksvoorwaarden en auteursrechten    

zoek in database zoek op provincie Stuur een e-mail over molen Het Noorden, Oosterend home vorige pagina