|
© Foto: Marcel Stroo (14-9-2008). |
| Romp | Eiken achtkant, gedekt met riet, op lage voet. De onderste ca. 2 meter gedekt met geverfde gepotdekselde planken. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Kap | Gedekt met riet | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Vlucht | 24,00 m. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenvorm | Systeem-Fauël op beide roeden | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekverbeteringen | Bij de bouw in 1974 werd gekozen voor het systeem-Fauël (fokwieken). | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenkruis |
Bovenas |
Geschiedenis
De Twiskemolen bemaalt de ca. 650 ha grote Twiskepolder als onderbemaling van de polder Oostzaan.
De Twiskepolder is als polder en waterstaatkundige eenheid pas in de jaren veertig van de 20e eeuw ontstaan. Vanouds maakte het gebied grotendeels deel uit van de ca. 2685 ha. grote waterrijke en veenachtige polder Oostzaan, die vanaf het midden van de 17de eeuw tot 1910 door drie achtkante molens bemalen werd op het IJ. In het kader van de werkverschaffing werden in de jaren dertig plannen gemaakt om dit gebied, dat voor de ene helft uit water en voor de andere helft uit land bestond, in te polderen en in cultuur te brengen als grasland. In 1941 werden de gronden door de Staat gevorderd. De droogmakingswerkzaamheden waren in 1943 zover gevorderd, dat de dijk kon worden gesloten. Na verlaging van het waterpeil werd een begin gemaakt met de ontginningswerken. Deze werden in 1957 gestopt omdat er toen als gevolg van de veranderde situatie geen werkloze arbeiders meer waren. In de jaren zestig werd het gebied gebruikt voor zandwinning en werd tevens de gedachte ontwikkeld om deze polder een recreatieve bestemming te geven. De plannen hiervoor waren in 1972 zover rond dat in augustus van dat jaar de uitvoering ervan kon worden aangevangen. Als eerste werd begonnen de vroegere hoofdstructuur van het gebied te herstellen. Daarna moest het van 1943 daterende hulpgemaal worden vervangen, waarbij de gedachte naar voren kwam om hiervoor een oudhollandse windwatermolen te (her)bouwen, die dan tevens zou kunnen fungeren als machinistenwoning. Een elektrische hulpaandrijving zou de waterbeheersing bij windstilte moeten veiligstellen. Voor dit doel werd de te Nieuw-Vennep opgeslagen molen van de Hooglandspolder te Barsingerhorn aangekocht. Deze molen was in 1939 onttakeld, nadat in 1938 bij stilstand een (met Bilau-kleppen uitgeruste) roede was gebroken. De romp bleef zonder wiekenkruis staan en was tot in de jaren zestig als woning in gebruik. In 1967 werd hij gesloopt met het doel hem te Nieuw-Vennep te herbouwen op de onderbouw van de in de jaren '30 afgebroken korenmolen 'de Rijzende Zon'. Deze plannen kwamen echter niet tot uitvoering, waarna hij in 1973-1974 op de huidige plaats werd herbouwd. Sindsdien is de molen regelmatig voor de bemaling van de Twiskepolder in bedrijf. In de situatie te Barsingerhorn was de vlucht 21,70 m. Bij de herbouw in 1974 is deze vergroot tot 24 meter omwille van capaciteitsvergroting. Hiertoe zijn de achtkantstijlen 0,75 m. langer gemaakt. Met uitzondering van het bovenwiel is er voor de herbouw een geheel nieuw gaandewerk gemaakt. De molen is uitgerust met een stalen vijzel die door middel van licht en zwaar werk met twee verschillende snelheden kan worden aangedreven. De vijzel kan zowel op windkracht als op een elektromotor werken. De molen is regelmatig in bedrijf. Aanvullingen
Over de naam:
Deze molen is vernoemd naar de gebied waar hij is gebouwd.
©
Prachtige opname, zonder een enkele bewerking aan de foto!
Foto: Michaël Belgraver (30-7-2007).
©
Nog een plaatje van een plaatje. Foto: Michaël Belgraver (30-7-2007).
©
Foto: Frank Hendriks (3-1-2009).
Draag zelf bij
|