Nederlandse Molendatabase
Aartswoud, Noord-Holland
Database nr. 623
Inventaris nr. NH043
Naam Westuit No. 7/
Koggemolen
Bouwjaar 1541c / 1997
Type Grondzeiler
Kenmerken Achtkante Binnenkruier
Functie Poldermolen
Ligging Kolkweg 2
1719 NL Aartswoud
Rijksdriehoek X: 127049 Y: 529244
toon op kaartje
toon in Google Streetview
Gemeente Opmeer
Kadaster Gemeente Opmeer, sectie O, nr. 1509
Monumentennummer 31787
Landsch. waarde Groot maar wordt verminderd door beplantingen
Eigenaar Stichting De Westfriese Molens
Bedrijfsvaardigheid Maalvaardig in circuit
Bestemming Vh. bemalen van het Waterschap De Vier Noorder Koggen, thans buiten bedrijf; woning
Molenaar Jaap Grin
Bezoekmogelijkheid Niet te bezichtigen

© Foto: Gerard Roomer (26-06-2009)
Constructie
Romp Eiken achtkant, gedekt met riet, op lage voet. De onderste ca. 2 meter gedekt met geteerde gepotdekselde planken.
Kap Gedekt met riet
Vlucht 23,40 m.
Wiekenvorm Oudhollands
Wiekenkruis
Fabrikaat Nummer Positie Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info Buurma/Naaijer0330buiten-1997aanw.23.40 m.
klik voor meer info Buurma/Naaijer0331binnen-1997aanw.23.40 m.
Bovenas
Fabrikaat Nummer Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info De Prins van Oranje094818751999aanw.-
Kruiwerk 59 ijzeren rollen; binnenkruirad
Vang Vaste Vlaamse blokvang uit vijf stukken; vangbalk met duim; vangstok; pal
Inrichting Houten vijzel (gegevens verder nog niet bekend).
Woning in de molen
Overbrengingen Onvoldoende gegevens bekend
Versiering
Eenvoudige baard, donkergroen geverfd, met het opschrift "Westuit No. 7"
Verwijzingen
Ten-Bruggencatenr. 00777 b
allemolens.nl zoek op Ten-Bruggencatenummer in allemolens.nl naar aanvullende informatie
Geschiedenis
Dit is mogelijk de oudste nog bestaande molen van Noord-Holland. Na archiefonderzoek, in combinatie met bouwsporen en dendrochronologisch onderzoek (2010) is door Gijs van Reeuwijk vastgesteld dat deze molen al rond 1541 moet zijn gebouwd.

Met nog 24 andere molens bemaalde de Westuit 7 voorheen het ca. 13.524 ha grote Waterschap De Vier Noorder Koggen op de voormalige Zuiderzee.
Vanouds verliep de natuurlijke afwatering van het ambacht van De Vier Noorder Koggen door uitwateringssluizen op de Zuiderzee. In het begin van de 16de eeuw werd de windbemaling hier ingevoerd door het dorp Benningbroek, nadat dit eerst zijn gebied had afgescheiden door kaden.
Toen Midwoud dit voorbeeld wilde volgen, kwamen de overige dorpen van het ambacht met de stad Medemblik hiertegen in verzet. Na een proces voor het Hof van Holland kwam op 21 april 1537 een accoord tussen de partijen tot stand, de Molenakte der Vier Noorder Koggen, waarbij in beginsel onder andere besloten werd dat Medemblik en omliggende dorpen waterstaatkundig verenigd zouden blijven en onder een gemeenschappelijke bemaling moesten worden gebracht.

Voorlopig zouden hiervoor zeven molens worden gebouwd. De moeilijkheden bleken hiermee nog niet te zijn opgelost, hetgeen in 1546 ertoe leidde dat onder andere tot de bouw van nog vier molens werd besloten. Spoedig bleek dat de toen blijkbaar aanwezige vijf molens - twee te Hauwert, twee op het Bennemeer en een te Midwoud - te weinig presteerden, zodat op 22-23 mei 1552 besloten werd ze naar de Zeedijk te verplaatsen. In of kort voor 1575 stonden er langs de Zeedijk tussen Aartswoud en de Voet bij Medemblik tien molens.
De ongelijke hoogteligging van bet onder een bemaling gelegen gebied beeft nog tot in de eerste helft van de 17de eeuw tot processen over vergroting van het aantal molens en verplaatsing ervan aanleiding gegeven.

Omstreeks 1825 werd het waterschap door vijfentwintig achtkante molens bemalen. Even bezuiden Medemblik stonden vijftien molens waarvan er enkele voorzien waren van twee op verschillende peilen gestelde schepraderen, om bij hoge zeestanden als bovenmolens en tweede trap van de bemaling te kunnen functioneren.
In die zelfde tijd stonden er langs de Zeedijk aan de noordrand van de polder tien molens. Zowel bij Koppershorn als bij Lambertschaag waren er drie, die via een boezem en uitwateringssluis op de Zuiderzee uitmaalden. Een soortgelijke groep van vier molens stond nabij Aartswoud. Op een kaart uit 1575 staan hier al drie molens en een sluis aangegeven. Naar alle waarschijnlijkheid maalden ze toen al uit op een gemeenschappelijke kolk.

Bij Aartswoud werd net als bij de andere kolken éénhoog gemalen. De molen bij Aartswoud maalde het water tot 1641 in de kolk van Dussen, hiervandaan ging het water richting de sluis van Lambertschaag. Dit verklaart ook waarom de huidige waterlopen door de valse velden zijn aangebracht. De richting van de waterlopen van het oude scheprad was anders dan de richting van de waterlopen na de vervijzeling.

In 1863 waren alle molens van bet waterschap al vervijzeld. Hierbij zal tevens het eerdergenoemde tweehoog malen zijn vervallen. Enkele jaren later werd besloten de bemaling te verbeteren, door even bezuiden Medemblik een hulpstoomgemaal te bouwen. Het gemaal waaraan men in 1868 was begonnen te bouwen, werd voorzien van twee vijzels en twee schepraderen. Met de vijzels kon in windstille tijden direct uit de polder via de boezem op zee worden gemalen. Met de schepraderen kon de door de molens volgemalen boezem bij een hoge buitenwaterstand op zee worden afgemalen. In dat geval functioneerde het als bovengemaal en dus als tweede bemalingstrap.

In 1897 zijn de vijzels en schepraderen vervangen door centrifugaalpompen en is de functie van bovengemaal vervallen. Met de vervanging van de stoommachines door een zuiggasmotor in 1908 viel ook het besluit om de gehele windbemaling af te schaffen. Vooruitlopend hierop was in 1907 al een bod van € 900,- per stuk geaccepteerd op twee molens aan de kolk te Aartswoud en in het daaropvolgende jaar werden er twintig voor € 500,- per stuk verkocht aan J. de Boer te Oostzaan en A. Droog te Kolhorn. Van de drie molens die er in het begin van de 20e eeuw bij Aartswoud stonden werd er één geheel gesloopt. De beide anderen werden onttakeld en bleven als woning in gebruik. Eén ervan werd later alsnog afgebroken. De molens bij Lambertschaag zijn in 1911 gesloopt.

Na jaren alleen als woning te hebben gediend (waarbij de staat van onderhoud steeds zeer behoorlijk is geweest) werden rond 1990 plannen ontwikkeld om deze molen in ere te herstellen. In 1997 kreeg dit zijn beslag. Vooralsnog kon de molen alleen draaien. In 2009 is het binnenwerk gecompleteerd en werd een nieuwe houten vijzel aangebracht. De molen is thans maalvaardig, maar kan alleen in circuit malen.

De huidige bovenas is afkomstig uit de in 1968 gesloopte molen C van de polder Zijpe. Na afbraak werd deze molen in 1971 herbouwd nabij Abcoude (Utr.) en diende daar als omhulsel voor een restaurant, genaamd 'Eilinzon' (later 'De Groene Pauw'). Aldaar is de molen op 28 juni 1981 verbrand. De bovenas overleefde dit alles en verhuisde vervolgens terug naar Noord-Holland om pas in 1997 weer een bestemming te krijgen in deze molen.
Aanvullingen
Over de naam:
De naam "Westuit No. 7" (Westuit 7) is gegeven ter onderscheiding van de (ooit) talrijke molens met dezelfde functie daar.

© Foto's: Gerard Roomer (26-06-2009)

© Foto's: Gerard Roomer (26-06-2009)

© Foto: Rob Pols (22-11-2009)
Draag zelf bij

Laatst bijgewerkt: dinsdag 26 april 2011 | Geschiedenis

bovenzijde Gebruiksvoorwaarden en auteursrechten    

zoek in database zoek op provincie Stuur een e-mail over molen Westuit No. 7/ <br>Koggemolen, Aartswoud home vorige pagina