|
© Foto: Marcel Stroo (25-3-2012). |
| Romp | Ronde stenen molen | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Kap | Gedekt met dakleer | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Vlucht | 23,40 m. | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenvorm | Oudhollands | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Wiekenkruis |
Bovenas |
Geschiedenis
De stellingkorenmolen aan de Lage Wipstraat, die ingebouwd staat in een woonwijk vlakbij het centrum van Zevenbergen, is sinds begin 2000 weer draaivaardig.
De gebroeders Mol lieten in 1841 een windmolen met stelling bouwen voor het malen van koren en oliehoudende zaden. Begin 20ste eeuw kwam er een motor in de molen om ook bij windstilte te kunnen malen. In 1938 werd er vanwege de windbelemmering geheel overgeschakeld op motorbemaling' vervolgens werd de stelling gesloopt. Uit strategisch oogpunt gelastten de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog de eigenaar om kap en wieken te verwijderen. Daarna was de molen op motorkracht nog tot 1950 in gebruik door de laatste molenaar Willem Damen. Na een lange periode van stilstand en verval kocht de gemeente Zevenbergen de resterende molenromp in 1969. Pas acht jaar later werd deze peperbus op de lijst van de Rijksdienst voor Monumentenzorg geplaatst. De restauratieplannen kwamen in een stroomversnelling toen de Toonders Groep de molen in 1989 aankocht. Toch duurde het nog ruim tien jaar voor de complete restauratie voltooid was. In 1996 startte eigenaar Wim Toonders met het rechtzetten van de circa 20 cm. verzakte ronde stenen romp. Om ruimte te maken voor het opvijzelen van de romp moest het bakhuis aan de achterzijde van de molen verdwijnen. Van de ongeveer ƒ 1.000.000 kostende restauratie droeg Monumentenzorg voor ongeveer de helft bij. Na zeven jaar voorbereiding werd in oktober 1997 het molenwerk - de kap en twaalf halfronde kozijnen - uitbesteed aan de Limburgse molenbouwer Harry Beijk uit Afferden. Een plaatselijke aannemer nam het metselwerk voor zijn rekening. Na het opmeten van de gehele constructie stond de molen bijna een jaar lang in de steigers om de stenen schoon te maken en de voegen te herstellen. Er zijn steentjes uit het Franse Thionville van een gesloopt klooster uit Aardenburg in verwerkt. Vervolgens werden vijf nieuwe zolders met grenen vloerdelen geplaatst. In december 1999 is de tijdelijke kap vervangen door een met mastiek beklede molenkap met een fraaie koperen regengoot. Daarna is de molen verder uitwendig gecompleteerd. Bij de oplevering in maart 2000 draaide het wiekenkruis voor het eerst. De molen is alleen draaivaardig hersteld en dat valt op: het bovenwiel heeft geen kamgaten en ook ontbreekt een ijzerbalk. Volgens Ten Bruggencate stond voor de onttakeling op de baard vermeld: "Anno 1841, v. Chaam". Aldus had de molenmaker zich kenbaar gemaakt. Aanvullingen
Over de naam:
De molen draagt sinds medio 2001 de naam ‘Fleur’, naar de dochter van de toenmalige eigenaar, de heer W. Toonders. Voor die tijd had deze molen geen naam. Literatuurverwijzingen:
Ton Meesters, De vier molens van molenmaker Van Chaam, in: De Meule nr. 68 (2010) pp. 18-26.
©
Foto: Rob Pols (30-3-2008).
©
Foto: Rob Pols (30-3-2008).
©
Foto: Ton Koorevaar (20-5-2012).
©
Foto: Ton Koorevaar (20-5-2012).
©
Foto: Ton Koorevaar (20-5-2012).
©
Foto: ? Opname uit ± 1915 (verzameling Ton Meesters).
Draag zelf bij
|