Nederlandse Molendatabase
Roosendaal, Noord-Brabant
584
De Hoop
1897 / 1967 (1684 / 1783 / 1883)
Standerdmolen
Gesloten standerdmolen
Korenmolen
Willem Elsschotlaan
4707 GA Roosendaal
X: 91040 Y: 392483
toon op kaartje
toon in Google Streetview
Roosendaal
Gemeente Roosendaal en Nispen, sectie D, nr. 8257
Gemeente Roosendaal
Maalvaardig
Het malen van graan, thans op vrijwillige basis
Niek van Eekelen
0165-301453
Zondag 14.00 - 17.30 uur en op afspraak
Niet onbelangrijk, maar wordt ernstig verminderd door allerhande bebouwing in de omgeving. Door het kappen van enkele bomen is eind 2014 het zicht op de molen vooral vanaf de noordkant duidelijk verbeterd.
NB082
10206
32705
Constructie
Kast overwegend donkergroen geverfd; wit afgebiesd; onderbouw gedekt met schaliën (oorspronkelijk dakleer).
Gedekt met dakleer
24,23 / 24,36 m.
Oud-Hollands
Van 1939 tot 1966 was deze molen uitgerust met het systeem-Van Bussel. Bij de verplaatsing en restauratie van 1966/'67 werd gekozen voor Oud-Hollands.
Wiekenkruis
Fabrikaat Nummer Pos. bouw Jaar Steek Positie Verdw. Lengte
klik voor meer info Pot 2083 buiten 1907 buiten 1993 24.35
klik voor meer info Straathof 0080 binnen 1994 1994 binnen 24.30
klik voor meer info Straathof 0081 buiten 1994 1994 buiten 24.36
Bovenas
Fabrikaat Nummer Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info Gieterij Hardinxveld 0056 1993 1993 aanw.
klik voor meer info Wauters Koeckx g.n. ? ? 1990
Zetelkruiwerk; kruihaspel
Vaste Vlaamse blokvang, vangbalk met haak, vangtrommel; pal
Eén koppel 17der kunststenen (I); één koppel 15der kunststenen (II); sleepluiwerk (tegen binnenzijde bovenwielvelg)
Bovenwiel (tandkrans trapzijde) 80 kammen
Steenschijfloop (I) 13 staven, steek 11,8 cm.
Overbrengingsverhouding 1 : 6,15

Bovenwiel (tandkrans borstzijde) 77 kammen
Steenschijfloop (II) 13 staven, steek 11,5 cm.
Overbrengingsverhouding 1 : 5,92
Jan van Blerck, Leur (1897)
Fa. Coppes, Bergharen (1966/'67)
Verwijzingen
Geschiedenis
De molen werd oorspronkelijk in 1684 gebouwd te Schaarbeek (bij Brussel); in 1783 wegens toenemende windbelemmering door een boomgaard verplaatst naar Schaarbeek-Helmet en in 1885 naar Merksem.
In 1897 was de aannemer van de bouw van molen en woonhuis Adrianus van Ginneken, metselaar te Roosendaal; molenmaker was Jan van Blerck, woonachtig te Leur.

De bouwheer was Petrus Schrauwen, die tijdens de bouw in januari 1897 overleed aan fijt. Hij was daarvoor eigenaar van de standerdmolen van Rijsbergen, eveneens een Belgische standerdmolen, die hij daar in 1881 liet bouwen. Als gevolg moest zoon Victor de bouwactiviteiten afronden. De molen werd opgericht als koren- en schorsmolen. Veel molens in West-Brabant hadden een apart koppel voor schorsmalen; bij deze molen is het vermoedelijk al aan het begin van de 20ste eeuw beëindigd, waarna het koppel is uitgebroken.

Na in 1939 onder advies van Chris van Bussel (die hier ook het naar hem vernoemde wieksysteem liet aanbrengen) nog uitvoerig te zijn hersteld, raakte de molen tijdens de Tweede Wereldoorlog behoorlijk beschadigd. Door tussenkomst van De Hollandsche Molen vond in 1950 herstel plaats, door molenmaker De Groote uit Kloetinge. Helaas werd er sindsdien nog maar weinig gemalen.

In de loop der jaren breidde Roosendaal zich stormachtig uit en kwam de grond rondom de molen in handen van de Bataafsche Petroleum Maatschappij. Deze onderneming maakte het gebaar om de molen voor een symbolisch bedrag aan de gemeente over te doen en de verplaatsing naar het zuidelijk deel van de stad te subsidiëren. Deze verplaatsing en opknapbeurt werd in 1966/'67 uitgevoerd door molenmaker Coppes uit Bergharen. Helaas werd de molen vrij snel daarna alweer door bebouwing ingehaald.

De zeer zware storm van 25 januari 1990 veroorzaakte grote schade: de gietijzeren askop scheurde en een roede brak. In 1993/'94 werd de molen geheel hersteld. In latere jaren heeft de molenaar ook de achtermolen geheel bedrijfsvaardig gemaakt: dat werk omvatte onder andere het opnieuw op steek zetten van het bovenwiel en het maken van een nieuwe kuip.

De molen was lang geleden voorzien van een derde koppel stenen, dat via een eigen bovenwiel werd aangedreven. In de houten as zijn de kepen voor dit wiel, dat als spaakwiel was uitgevoerd, nog te zien. Ook aan de plooistukken van het huidige bovenwiel is datzelfde nog te zien. Niet uniek maar wel apart: de teerlingen zijn elk voorzien van slechts twee zonneblokken in plaats van de gebruikelijke drie of vier.

Bij het herstel van 1939 werd de molen lichtgrijs geverfd: Dit was Chris van Bussels zijn stijl: men moest immers kunnen zien dat er met de molen iets gebeurd was! Bij de laatste restauratie van 1993/'94 is de vroegere donkergroene tint in ere hersteld.
Aanvullingen

Mogelijk de enige nog bestaande molen in Nederland die vier keer is verplaatst en dus op zijn vijfde locatie staat.

N. van Eekelen, T. Meesters: Standerdmolen "De Hoop" te Roosendaal in historisch en technisch perspectief bekeken. Uitgave Vereniging 'De Westbrabantse Molens'. Roosendaal 2000
Overige foto's
De Hoop, Roosendaal, Foto: Rob Simons (9-7-2006).
© Foto: Rob Simons (9-7-2006).
De Hoop, Roosendaal, Foto's: Ton Koorevaar (9-6-2011).
© Foto's: Ton Koorevaar (9-6-2011).
De Hoop, Roosendaal, Foto: Ton Koorevaar (9-6-2011).
© Foto: Ton Koorevaar (9-6-2011).
De Hoop, Roosendaal, Foto's: Rob Simons (9-7-2006).
© Foto's: Rob Simons (9-7-2006).

Bezoek allemolens.nl voor historische foto’s van deze molen.
Draag zelf bij
zoek in database zoek op provincie Stuur een e-mail over molen De Hoop, Roosendaal home vorige pagina