Nederlandse Molendatabase  
Oisterwijk, Noord-Brabant
Database nr. 572
Inventaris nr. NB073
Naam Onvermoeid / Kerkhovense Molen
Bouwjaar 1895 / 1912
Type Stellingmolen
Kenmerken Ronde stenen molen
Functie Korenmolen
Ligging Langvennen Oost 120
5061 DR Oisterwijk
Rijksdriehoek X: 140463 Y: 399721
toon op kaartje
toon in Google Streetview
Gemeente Oisterwijk
Kadaster Gemeente Oisterwijk, sectie A, nr. 4736
Monumentennummer 31368
Landsch. waarde Groot
Eigenaar Stichting De Kerkhovense Molen
Bedrijfsvaardigheid Maalvaardig
Omwentelingen 2009: 149.642
2010: 155.710
2011: 167.608
2012: 157.634
2013: 137.431
Bestemming Het malen van graan, thans op vrijwillige basis
Molenaar J. Scheirs / H. van Erve / H. Willemsen / W. Coppens
Telefoon 013 - 5212502
Bezoekmogelijkheid Zaterdag 14.00 - 17.00 uur
Winkel en ('s zomers) terras: 10.00 - 17.00 uur; dagelijks behalve zondag

© Foto: Tony Hop (8-6-2013).   
Constructie
Romp Ronde stenen molen
Kap Gedekt met dakleer
Vlucht 26,10 m.
Wiekenvorm Binnenroede Oud-Hollands; buitenroede systeem Fauel met automatische remkleppen
Wiekenkruis
Fabrikaat Nummer Positie Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info Derckx0271buiten19781979aanw.26.10 m.
klik voor meer info Derckx0272binnen19781979aanw.26.10 m.
Bovenas
Fabrikaat Nummer Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info Penn & Comp, F.J.001718501912aanw.05.06 m.
Kruiwerk Engels met 33 rollen; kruihaspel
Vang Losse Vlaamse blokvang; vangbalk met haak; vangtrommel
Inrichting Een koppel 18der Franse stenen en één koppel 17der blauwe stenen; één koppel Franse stenen (Ø 1,45 m.) elektrisch aangedreven; sleepluiwerk; borstelbuil
Overbrengingen Bovenwiel 75 kammen
Bovenschijfloop 33 staven
Spoorwiel 81 kammen
Steenschijven 29 staven
Overbrengingsverhouding 1 : 6,3
Hoogte van de stelling: 7.00 m.
Versiering
Eenvoudige baard, groen geverfd, wit afgebiesd, met in witte letters op een okergeel fond de naam 'Onvermoeid'.
Verwijzingen
Eigen website Onvermoeid / Kerkhovense Molen
Ten-Bruggencatenr. 02010
allemolens.nl zoek op Ten-Bruggencatenummer in allemolens.nl naar aanvullende informatie
Voorganger Kerkhovense molen/ Onvermoeid 2e voorganger, Oisterwijk
Geschiedenis
De huidige molen dateert van 1895, maar de geschiedenis van zijn voorgangers (standerdmolens) gaat terug tot 1369, toen er al sprake was van een windmolen te Karrichoven. De molen stond ten noorden van het gehucht Kerkhoven met verschillende boerenhoeven en vruchtbaar akkerland.

In het jaar 1800 komt, na diverse adellijke en niet-adellijke eigenaren, de molen in bezit van Wilhelmus van Me(e)rendonck, afkomstig uit het Belgische Balen. Van hem zijn nog diverse materiele zaken bewaard gebleven.
In de tweede helft van de 19e eeuw is de naam van de uit Tilburg afkomstige Johannes Sprangers verbonden aan de molen, en later van zijn zoon Antony (Toontje), tevens laatste mannelijke eigenaar van de houten standerdmolen die in de nacht van donderdag 5 april 1895 tot de grond toe afbrandde.

Naast graan werd hier ook veel schors gemalen met stenen met een speciaal daarvoor ingekapt scherpsel. Deze schorsstenen zijn bewaard gebleven en de laatste tastbare herinnering aan de afgebrande molen. Vlak na de brand, 25 mei 1895, koopt Helena Vekemans, weduwe van molenaar Willem van Riel uit Dongen, het molenerf met de verkoolde molenresten van de weduwe Maria Dielemans-Sprangers, die na de dood van haar broer Antony Sprangers eigenaresse was van de standerdmolen.
Vlak voor de verkoop had Maria nog een ontwerp laten maken van een vervangende stenen stellingmolen door de Dongense molenmaker P.C. Schellekens. (N.B. Deze bouwtekening is later teruggevonden in het archief van Vereniging de Hollandsche Molen in Amsterdam).
De bouw moet vlug hebben plaatsgevonden: de nieuwe molen, mét woning, wordt genoemd in een schuldverklaring van 10 januari 1896.

Op de nieuwe molen werden drie koppel maalstenen aangebracht. Eén voor het broodgraan, één voor veevoer en één koppel voor het malen voor schors. Het schorsmeel was toen een grondstof voor de sterk uitbreidende looi-industrie in dit deel van Noord-Brabant. Het malen van droge schors was stoffig, ongezond en bovendien brandgevaarlijk. Dit was de oorzaak van de molenbrand op een nacht in 1912. De brand was zo hevig dat hij niet volledig geblust kon worden. Er zat niets anders op dan alle openingen in de romp te dichten en af te wachten dat de brand door zuurstofgebrek vanzelf uitging. Deze brand heeft voor blijvende schade aan de molenromp gezorgd.

Met onderdelen van de in 1910 buiten gebruik gestelde poldermolen van de polder Het Binnenland van Barendrecht bij Rhoon (onder Rotterdam) werd de Oisterwijkse molen zo goedkoop mogelijk weer in bedrijf genomen.
Van de gelegenheid werd gebruik gemaakt om een extra koppel schorsstenen in de molen te plaatsen. De leerlooierijen gebruikten namelijk meer looistof van tropische planten, die een fijner scherpsel vroegen dan nodig voor inlandse schors.
Aan de molen werd, blijkens een foto uit 1924, een ketelhuis met stoommachine toegevoegd. Een andere bijzonderheid was toen het aanbrengen van een zelfzwichtsysteem aan het gevlucht. Dit was maar kort in gebruik: al lang vóór 1940 werden weer zeilen toegepast. Van het zelfzwichtsysteem resteert nog achterop de kap een zogenaamde davit.

Uit een brief uit 1925 aan De Hollandsche Molen blijkt dat in de molen een benzinemotor is geplaatst en dat één roede ontbreekt. Dit werd in 1926 hersteld.
In 1929 sterft Adriaan van Riel sr. en wordt het maalbedrijf voortgezet door zijn zoon Adriaan jr. 'Ad'. Door de crisistijd wordt er steeds minder met de wind gemalen. Tijdens de oorlogsjaren vindt door brandstoftekort een opleving plaats van het windbedrijf plaats.
De laatste mulder was de oudere broer van Ad, Piet, die de molen toen van zijn broer huurde en ook een maalbedrijf had in Berkel-Enschot.

Toen na de Tweede Wereldoorlog de Kerhovense molen definitief tot stilstand kwam, greep het verval snel om zich heen.
In 1953 kocht de gemeente de molen van Ad van Riel. Herstel als maalwerktuig was in die tijd volstrekt nog niet in beeld en daarom mocht Van Riel de molen inwendig uitslopen voor zijn café ’t Molentje in de Kerkstraat. Na uitwendig herstel werd de molen verhuurd aan de Nederlandse Jeugdherberg Centrale te Amsterdam en ingericht als jeugdherberg.

In 1970 werd de molen tot Rijksmonument verklaard en de jeugdherbergfunctie opgeheven. In Nederland was inmiddels de visie ontstaan dat molens alleen maar voor het nageslacht behouden kunnen worden als werkend maalwerktuig. Hierdoor gestimuleerd werd tussen 1976 en 1979 de molen weer inwendig compleet gemaakt. In november 1979 werd voor het eerst sinds 30 jaar de molen weer op windkracht gemalen.

Vanaf 1980 werd rond de molen de nieuwbouwwijk Pannenschuur gebouwd. Het heeft veel voeten in de aarde gehad om te voorkomen dat de molen beroofd werd van zijn vrije windvang. Dankzij gerechtelijke uitspraken bleef de hoogte van de nieuwbouw beperkt.
Maar niet alleen uitwendig werd de molen bedreigd: de bouwkundige toestand gaf ook steeds meer zorg: sinds de brand van 1912 is er vaak sprake geweest van vochtdoorslag. Door wateroverlast, loszittende stenen en rottend hout moest uit veiligheidsoverwegingen de molen in april 1992 stil gezet worden.

Op 7 juli 1992 werd Stichting De Kerkhovense Molen opgericht om de molen in werkende staat op zijn oude plek voor Oisterwijk te behouden. Op 26 november 1993 verwierf de stichting de molen voor het symbolische bedrag van ƒ 1,- en kon gewerkt gaan worden aan herstelplannen, die in 1995 konden worden omgezet in een opdracht aan de betrokken aannemers. In 1997 kwam het metselwerk gereed en in 1998 werd een begin gemaakt met het herstel van gevlucht, kap en gaandewerk.

Op 8 april 1999 werd het gevlucht aangebracht en op 1 mei 1999 kon de Oisterwijkse burgemeester Y.C.Th. J. Kortmann de molen weer officieel in gebruik stellen.

De molen draait regelmatig en daarbij ook wordt vaak gemalen.
Aanvullingen
Over de naam:
Bij de restauratie van 1999 is besloten om de molen weer de naam Onvermoeid te geven, zoals dat ook was sinds het herstel in 1926. De aanduiding 'Kerkhovense Molen' is evenwel ook algemeen gebleven.
Uniek aan deze molen:
Bijzonder bij deze molen is het - net als in Dongen en Hooge Zwaluwe - ijzeren stellinghek.
Trivia:
Bij verkiezingen doet de molen dienst als stemlokaal.
Literatuurverwijzingen:
Scheirs, Jan en Wim de Bakker, Kerkhovense Molen Oisterwijk (Oisterwijk 1999)

© Foto: Joop Vendrig (23-9-2003).

© De davit achterop de kap.
Foto: Rob Pols (15-4-2006).

© Foto: Paul Paulussen (20-8-2005).

© Foto: Bart Mols (juni 2001).
Draag zelf bij

Laatst bijgewerkt: dinsdag 31 december 2013 | Geschiedenis

bovenzijde Gebruiksvoorwaarden en auteursrechten    

zoek in database zoek op provincie Stuur een e-mail over molen Onvermoeid / Kerkhovense Molen, Oisterwijk home vorige pagina