Aardige baard, met de opschriften 'Anno 1819' en daaronder 'Vogelenzang'.
Stichtingssteen met de tekst:
I.F Ribbius-burgemeester van Lieshout-
an 18 9/11 19 no
De molen is gebouwd ter vervanging van een in 1816 omgewaaide standerdmolen en bevat als gevolg nogal wat onderdelen van die voorganger. De stenen van de molenromp zijn ter plaatse gebakken; de leem ervoor werd gewonnen uit een ven achter de molen.
De molen heeft twee oliebanken gehad; dit was zeer zeldzaam in Brabant; ook blijkt de molen een tijdlang gepeld te hebben, hetgeen in Brabant helemaal ongebruikelijk was.
De stenen zijn naar binnen schuin gemetseld; haaks op de schuinte van de romp, dus eigelijk inwaterend i.p.v. uitwaterend. Dit is één van de eerste stenen molens in de Peel (en oostelijk Brabant). Er zijn vermoedens dat de bouw door een Zuidhollandse molenmaker is verricht, met name te zien aan de opbouw van de gaande werken en van de (bij de restauratie van 1975 vernieuwde) kap.
Bouwheer van de molen was Peter Swinkels, die werd opgevolgd door zijn zoon Antoon. Deze bemaalde de molen tot 1921. In dat jaar werd een knecht van Antoon, Gerardus van der Linden, de nieuwe eigenaar.
In 1933 verkocht Van der Linden de molen aan zijn Venraijse collega Th. van Gerwen, die tot 1949 eigenaar/molenaar bleef. Vervolgens werd J.Th. Sanders eigenaar en die bleef dat tot 1974; hij maalde tot 1964 op windkracht.
Voor de laatste grote restauratie had de molen Van Bussel stroomlijnwieken.
Na aankoop door de gemeente volgde vrij snel restauratie; deze werd tegelijk uitgevoerd met de andere molen van Lieshout. Het was hard nodig, want beide molens verkeerden in behoorlijk slechte staat.
Tot het interieur behoort ook al enkele jaren een zakkenklopper en een wanmolen. Verder staan de pletstenen en de ligger van de afgebroken achtkante molen uit Haaren (NB) in de molen opgesteld voor de show. Verder ligt hier de oude koningspil van De Reus uit Gennep (Lb.).
In 2009 kreeg de molen een grondige opknapbeurt: de roeden werden gestreken om hersteld en herschilderd te worden, geheel nieuwe ophekking waarbij alle scheien weer voorzien zijn van een kluft (zoals het vroeger was), een lange schoor aangelast, de kruibok vernieuwd naar oud model (zoals voor 1975). Verder een nieuw voor- en achterkeuvelens en baansteen en ten slotte een schilderbeurt.