Nederlandse Molendatabase  
Sint Odiliënberg, Limburg
Database nr. 464
Inventaris nr. LB022
Naam Molen van Verbeek
Bouwjaar 1883
Type Beltmolen
Kenmerken Ronde stenen molen
Functie Korenmolen
Ligging Molenweg 14 A
6077 BC Sint Odiliënberg
Rijksdriehoek X: 198077 Y: 350659
toon op kaartje
toon in Google Streetview
Gemeente Roerdalen
Kadaster Gemeente Sint Odilienberg, sectie C, nr. 2487
Monumentennummer 33644
Eigenaar Gemeente Roerdalen sinds 2007, daarvoor de gemeente Ambt Montfort
Bedrijfsvaardigheid Maalvaardig
Bestemming Vh. het malen van graan, thans buiten bedrijf
Molenaar Pierre Konings
Telefoon 0475-537415
Bezoekmogelijkheid Eerste zaterdag en de derde zondag van de maand 13.00 - 16.00 uur

Foto: W. Jans (29-7-2001).   
Constructie
Romp Ronde stenen molen
Kap Gedekt met dakleer
Vlucht 25,40 m.
Wiekenvorm Systeem van Bussel met neusremkleppen op beide roeden
Wiekenkruis
Fabrikaat Nummer Positie Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info Derckx0711buiten1992--25.40 m.
klik voor meer info Derckx0712binnen1992--25.40 m.
klik voor meer info Pot --binnen....--25.40 m.
klik voor meer info Pot --buiten....--25.40 m.
Bovenas
Fabrikaat Nummer Jaar Steek Verdw. Lengte
klik voor meer info ???1928aanw.-
Kruiwerk Engels; kruilier
Vang Vlaamse vang; vangbalk met haak; vangtrommel
Inrichting Eén koppel 17der kunststenen op windkracht; één koppel 16der kunststenen op motorkracht, sleepluiwerk, elektrisch luiwerk; elevator
Overbrengingen Bovenwiel 71 kammen
Bovenschijfloop 34 staven
Spoorwiel 79 kammen
Steenschijfloop 25 staven
Overbrengingsverhouding 1 : 6,60
Versiering
Eenvoudige baard, donkergroen geverfd, wit afgebiesd, met het opschrift 'Molen van Verbeek'
Verwijzingen
Ten-Bruggencatenr. 02788
allemolens.nl zoek op Ten-Bruggencatenummer in allemolens.nl naar aanvullende informatie
Voorganger (korenmolen), Sint Odiliënberg
Geschiedenis
In 1871 kreeg Peter Joseph Aerts, molenaar te Horn, van het provinciaal bestuur toestemming een windmolen te bouwen. Aerts ging echter niet tot de bouw over, waarna de weduwe Aarts het perceel in 1874 verkocht aan Gerardus Janssen, zonder beroep, te St. Odiliënberg. Janssen liet de molen voor zijn zoon Henri bouwen. Hij zou zelf de vruchtgebruiker worden. In 1876 verkochten zij het perceel aan Martinus Schmitz, winkelier en later molenaar te St. Odiliënberg. In welk bouwstadium de molen toen verkeerde is niet bekend.
De molen was een grondzeiler en brandde in 1882 af. Schmitz wilde de molen ongeveer 100 m. verder in het veld herbouwen, maar dat stond de verzekeringsmaatschappij niet toe, zodat de windmolen op dezelfde plaats in 1883 werd herbouwd, maar dan als een stenen bergmolen. Schmitz kwam echter in financiële moeilijkheden en in 1884 werd de molen door Willem Janssen, grondeigenaar in Melick, aangekocht. In 1888 verkocht Janssen de molen met toebehoren aan Lambert Verbeek te Posterholt. Na zijn overlijden werden Peter, Jacques, Jan, Louis en Catharina Verbeek eigenaren. Bij de boedelscheiding in 1901 kreeg Jacques de windmolen van St. Odiliënberg.

In 1928 werd het houten gevlucht door de molenmakers Gebr. Hendrickx vervangen door een ijzeren, waarvan gezegd werd dat het afkomstig was van een poldermolen uit de buurt van Hoorn (N.H.).
Bij de boedelscheiding in 1937 werden de zonen Harrie en Louis Verbeek eigenaren van de molen. Het bedrijf voerde de firmanaam Gebr. Verbeek. Harrie was molenaar en Louis dreef de handel.
In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog had de forse windmolen een druk gemaal in St. Odiliënberg. Er waren twee koppels stenen, waarvan één in de jaren ’30 werd voorzien van een aandrijfas met een conische tandwieloverbrenging op de steenspil en een Crossley-dieselmotor, die onderin de molen stond.
In de jaren 1945-1946 werd de molen door de toen reeds bejaarde molenmaker Joseph Hendrickx uit Heel van de oorlogsschade hersteld. Hij bracht bovendien een aantal ingrijpende veranderingen aan.
De koppen van de moerbalken en de draagbalk, waarop de koning rust, waren verrot en werden vervangen door ijzeren breedflens-profielbalken, omdat eikenhouten balken niet leverbaar waren. Elk koppel stenen ligt op een houten bed, dat op de onderflenzen van twee profielbalken rust. Door middel van drie bouten kan de hoogte van de ligger gesteld worden. Een koppel 17der stenen wordt door de wind aangedreven. Voor het andere koppel, dit zijn 16der stenen van amaryl met een zacht bodemsel, werd een nieuw onderdrijfwerk gemaakt. De aandrijfas ligt onder de steenzolder en is voorzien van een conische tandwieloverbrenging op de steenspil en een riemtransmissie op een elektromotor. De windmolen heeft een fraai uitgevoerd luiwerk om de zakken te hijsen, een elektrisch luiwerk en een elektrisch aangedreven elevator voor het transport van losgestort maalgoed.
Eveneens in 1946 werden de wieken gestroomlijnd volgens het systeem Van Bussel met uitneembare borden. De vormgeving en de stand van het profiel wijken nogal af van het model, dat Van Bussel door zijn eigen molenmakers liet aanbrengen. Evenals in de vooroorlogse jaren werden de wieken weer geschilderd in de nationale driekleur, in brede schuine banen aangebracht.
In het begin van de jaren vijftig kochten de Gebr. Verbeek een Econoom-hamermolen van de Gebr. Jaspers in Aarle Rixtel (N.B.) voor het malen van veevoer. De windmolen werd als gevolg daarvan korte tijd later stilgezet.
Het bedrijf schakelde later praktisch geheel over op de handel in mengvoeders, en voer voor huisdieren.
Louis Verbeek overleed in 1968, Harrie in 1986. Gedurende de laatste jaren van het bestaan van de firma was J.A. Palmen, al sinds 1939 bij het bedrijf werkzaam, zaakvoerder.

De windmolen kwam in bezit van de erven Verbeek. Hij stond op naam van A.M. Verbeek-Bekkers en haar zoon Jacques, en van H.C. Verbeek-Schmitz en haar dochter Gerion. In 1989 verkochten de erven Verbeek de molen aan de gemeente St. Odiliënberg.

Het dorp St. Odiliënberg heeft zich in de loop der jaren flink uitgebreid. De nieuwe woonwijk achter de molen werd in laagbouw uitgevoerd, zodat de windbelemmering binnen zekere grenzen bleef. De molen past nog steeds mooi in het dorpsbeeld.
In 1944 lag de omgeving helemaal open en de molen had ook aan bovengenoemde zijde een onbelemmerde windvang. Het is dan ook opmerkelijk, dat de Duitsers de windmolen hebben ontzien, hoewel alle kerktorens, windmolens en andere hoge objecten in de Roerdriehoek door Sprengkommandos werden opgeblazen.
Na een kort en fel gevecht werd St. Odiliënberg op 27 januari 1945 door de Britten veroverd. Het dorp leed zware oorlogsschade. De schade aan de molen bleef beperkt tot flinke gaten in de romp en schade aan het gevlucht.

© Foto: Marc Crins (12-1-2005).

© Foto: Frits Kruishaar (16-8-2008).

© Bevestigen van het litsentouw van de zeilen aan de kikkers.
Foto: Ajan Everstijn (7-10-2012).

© De zwichtlijnen worden vastgesjord.
Foto: Ajan Everstijn (7-10-2012).

© Molenaar Pierre Konings geeft een explicatie.
Foto: Ajan Everstijn (7-10-2012).

© Aan de staven is te zien en te voelen hoe lang die al meegaan; worden na een bepaalde periode een kwartslag gedraaid.
Foto: Ajan Everstijn (7-10-2012).
Draag zelf bij

Laatst bijgewerkt: dinsdag 6 november 2012 | Foto

bovenzijde Colofon en copyrights    

zoek in database zoek op provincie Stuur een e-mail over molen Molen van Verbeek, Sint Odiliënberg home vorige pagina